Retour

Explorez tous les épisodes du podcast Architectenweb Podcast

Plongez dans la liste complète des épisodes de Architectenweb Podcast. Chaque épisode est catalogué accompagné de descriptions détaillées, ce qui facilite la recherche et l'exploration de sujets spécifiques. Suivez tous les épisodes de votre podcast préféré et ne manquez aucun contenu pertinent.

Rows per page:

1–50 of 122

TitreDateDurée
Toren van Babel – Christian Rapp over hoogbouw in Berlijn, Den Haag en Antwerpen 28 Aug 202401:05:25

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect Christian Rapp, medeoprichter van bureau Rapp + Rapp, en stadsbouwmeester van Antwerpen.

Christian vertelt over zijn studie in Berlijn, en over de kritische reconstructie van die stad onder leiding van Hans Stimmann. Hij legt uit hoe hij in de jaren tachtig in Nederland terecht is gekomen. Hij gaat in op zijn ervaringen bij Rem Koolhaas en Hans Kollhoff, en de verschillen én overeenkomsten tussen beide architecten. Hij vertelt over het werken aan woongebouw Piraeus, met Hans Kollhoff, en de start van Rapp + Rapp. 

Rapp + Rapp was in Den Haag verantwoordelijk voor het centrum van Ypenburg, maar ook voor woongebouw ‘De Kroon’. Christian vertelt over beide projecten, en wat de uitdagingen waren in het ontwerpproces. Hij vertelt over de inpassing van De Kroon in het stedenbouwkundig plan van Rob Krier (dat eerder al ter sprake kwam in de podcast met Jos Melchers), en over de slimme prefabricage van de gevel. 

Tenslotte spreken we over de rol van Christian als stadsbouwmeester in Antwerpen. Voor welke verdichtingsopgave staat Antwerpen, en hoe wordt er daar omgegaan met hoogbouw? Luisteren dus! 

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Paul van Bergen over de verduurzaming van gebouwen17 Jul 202401:07:13

De duurzaamste gebouwen van de afgelopen decennia… bij een belangrijk deel daarvan was Paul van Bergen, bouwfysisch adviseur bij DGMR, betrokken. Het begon allemaal bij het meedenken over het ontwerp voor Villa VPRO en leidde tot betrokkenheid bij innovatieve projecten als het TNT Centre in Hoofddorp en Energy Academy Europe in Groningen. Momenteel is hij bijvoorbeeld betrokken bij de vernieuwing van De Nederlandsche Bank en de Tweede Kamer.

Door het volume compact te houden, te organiseren rond een atrium, het echt te ontwerpen op de zon, het te voorzien van passieve en actieve zonwering… kunnen de installaties in een gebouw sterk verkleind worden. Maar door de hoge eisen die tegenwoordig aan het binnenklimaat gesteld worden, met minimale toegestane variaties in temperatuur, kunnen we niet meer zonder installaties, stelt Van Bergen in de podcast, ook al zou hij het zelf misschien ook liever anders zien. 

De opwarming van het klimaat zet het bouwfysisch ontwerp van gebouwen daarbij verder op scherp. Gebouwen zullen sterker dan voorheen ook actief gekoeld moeten kunnen worden, bijvoorbeeld via een WKO. Iets anders dan technische oplossingen ziet hij ook niet. Wat nu in utiliteitsbouw al veel toegepast wordt, zoals gebouwbeheersystemen met automatische zonwering, zal ook zijn weg vinden naar de woningbouw, voorspelt hij.

Na 34 jaar als adviseur werkzaam te zijn geweest, waarbij hij de afgelopen 24 jaar ook een van de directeuren was van DGMR, heeft Paul van Bergen op 1 juli 2024 een stap teruggezet. Een goed moment om terug te kijken op hoe onze visie op duurzaamheid zich in de afgelopen decennia ontwikkeld heeft en hoe de verhouding tussen architecten en adviseurs is veranderd.

Waar adviseurs voorheen gevraagd werden om te reageren op een ontwerp, worden ze tegenwoordig al van tevoren om input gevraagd, constateert Van Bergen. Het ontwerpproces is daarmee veel integraler geworden, de gebouwen ook steeds beter. 

Tussen al die adviseurs is de architect degene die alle kennis integreert, die er een ruimtelijk aantrekkelijk geheel van maakt. Architecten vervullen een cruciale rol en zouden zich wat hem betreft daarom ook wel wat minder bescheiden mogen opstellen. Zeker bij grote tenders ziet hij de architectonische kwaliteit steeds meer lijden onder de complexiteit van alle gestelde eisen. Pak de regie terug, moedigt hij architecten aan, en hervind de focus op de architectonische kwaliteit.

We kunnen ons momenteel nauwelijks nog voorstellen dat er een tijd is geweest dat atria nog niet standaard in utiliteitsgebouwen werden opgenomen. In de opkomst van de toepassing van atria heeft Van Bergen een sleutelrol gespeeld. In de podcast vat hij de voordelen ervan samen en deelt hij tips hoe deze het beste toegepast dienen te worden.

Enkele andere onderwerpen die in de podcast ook de revue passeren: de voordelen van de Well-certificering, de ontwikkeling van kennis binnen bureaus, hoe te strakke stedenbouwkundige kaders een goed bouwfysisch ontwerp ook in de weg kunnen zitten, de meerwaarde van geventileerde dubbele gevels, en de opkomst van carbon based design.

Gesprek met Cécilia Gross over het nieuwe Olympisch zwembad in Parijs15 Feb 202400:59:48

Voor de Olympische Spelen in Parijs, komende zomer, wordt één nieuw stadion gerealiseerd en dat is ontworpen door VenhoevenCS en Ateliers 2/3/4. In deze podcast gaat Michiel van Raaij, hoofdredacteur van Architectenweb, in gesprek met Cécilia Gross, architect en partner van VenhoevenCS, over het ontwerp voor het Olympisch zwembad en de spectaculaire houten overkapping die daar deel van uitmaakt. Met balken van maar 55 cm hoog wordt een overspanning van 90 meter gehaald – door het hout op trek te belasten.

Het leek uit het niets te komen, de winst van VenhoevenCS in de aanbesteding voor het Olympisch zwembad in Parijs. Maar het Amsterdamse bureau had al tien jaar eerder besloten om de Franse markt te betreden en had al aan meerdere aanbestedingen van sportcentra meegedaan – tot dan zonder succes. Of beter gezegd: zonder winst, want door de aanbestedingen had het bureau wel een netwerk opgebouwd in Frankrijk en was het in beeld bij opdrachtgevers van sportcentra.

Hoe lukte het om deze aanbesteding te winnen? “Je moet het beste team zijn”, vertelt architect Cécilia Gross in de podcast. In Ateliers 2/3/4 had VenhoevenCS een co-architect gevonden die op dezelfde manier werkt en vergelijkbare doelen nastreeft. Verder waren een goede bouwer, goede adviseurs en een goede exploitant aan boord. Want het ging bij het Olympisch zwembad om een DBFMO: Design, Build, Finance, Maintain & Operate. Na de bouw houdt het consortium het Olympisch zwembad nog 20 jaar in beheer.

Het belangrijkste doel van het ontwerpteam was daarom om een sportcentrum te ontwerpen dat de komende 20, nee zelfs 100 jaar, goed gebruikt zou worden. Gewoon een heel goed sportcentrum dat ook geschikt zou zijn om er een paar weken Olympische zwemwedstrijden in te organiseren waar 6.000 mensen naar komen kijken. Zo omschrijft Gross het in de podcast.

Het gebouw moest daarom in de eerste plaats een goed sportcentrum worden dat de komevan betekenis zou zijn voor Saint-Denis, de voorstad in het noorden van Parijs waar het ligt. Een gebouw dat daarbij ook geschikt zou zijn om een paar weken te gebruiken als Olympisch zwemstadion. Zo omschrijft Gross het in de podcast.

Na de Olympische Spelen zal het zwembad gebruikt blijven worden als officiële trainingslocatie van bijvoorbeeld de duikers. In de twee lagen onder het zwembad is ruimte gemaakt voor een oefenzwembad, wellness, fitness en bouldering (klimmen zonder touwen). Een centrale entree met restaurant betrekt de verschillende programmaonderdelen tot elkaar en stimuleert onderlinge interactie.

Terug naar het grote zwembad. In het ontwerp van de houten overkapping daar hebben VenhoevenCS en Ateliers 2/3/4 een aantal hele slimme ingrepen gedaan waardoor “een bloedmooie ruimte” is ontstaan die tegelijkertijd enorm duurzaam is. De meeste energie in een zwembad gaat naar de lucht boven het zwemwater, legt Gross in de podcast uit, waardoor het zaak was die ruimte te verkleinen. Het ontworpen hangende dak doet precies dat, terwijl vanaf de tribunes aan de zijkant nog steeds goed zicht is op het water. Door de houten dakconstructie op trek te belasten bleek die maar 55 cm hoog te hoeven zijn. Met die beperkte hoogte wordt maar liefst 90 meter overspannen.

Gesprek met Oana Bogdan en Jan Peter Wingender over de lage honoraria in België en de wankele cao in Nederland31 Jan 202400:58:34

Het gemiddelde uurtarief van architecten in België ligt ongeveer half zo hoog als het gemiddelde uurtarief in Nederland. Dat maakt het vakgebied in België weinig aantrekkelijk om in te werken, stelt architect Oana Bogdan (&Bogdan). In Nederland liggen de uurtarieven nu nog op een goed niveau doordat de lonen van architecten vastgelegd zijn in een algemeen geldende cao. Maar om die algemeen geldigheid te behouden, dient de BNA meer dan zestig procent van alle architecten te vertegenwoordigen. En daar dreigt het nu mis te gaan, waarschuwt Wingender. Zonder cao kunnen we volgens hem qua uurtarieven zo in de situatie van België belanden.

Het uurtarief van architecten in België behoort tot de laagste van West-Europa. Daarom werken architecten in België veel meer uren dan architecten in de omringende landen, significant meer dan architecten in Nederland. Dat is gebleken uit eerder onderzoek door de Branchevereniging Nederlandse Architectenbureaus (BNA) en de Architect’s Council of Europe.

Waar het gemiddelde uurtarief in Nederland richting de 120 euro per uur gaat, blijft die in België regelmatig steken onder de 60 euro per uur, vertelt Bogdan in de Architectenweb Podcast. Dat staat een gezonde bedrijfsvoering van architectenbureaus in de weg en maakt het vakgebied voor werknemers weinig aantrekkelijk om in te werken. Talentvolle ontwerpers ziet ze dan ook massaal vertrekken naar andere vakgebieden.

Waar een startend architect in Nederland bij een fulltime werkweek nu zo’n 2.700 euro bruto verdient, zit een startend architect in België maar net boven het minimumloon. Door als (schijn)zelfstandigen te werken, houden startende architecten in België er nog iets aan over. Maar het is te weinig om goed van te kunnen leven, verklaart Bogdan. Jonge architecten in België zijn genoodzaakt om bij hun ouders te blijven wonen of op hun studentenkamer, want een eigen woning kunnen ze niet betalen.

De lage honoraria in België hebben volgens Bogdan meerdere oorzaken. Het begint erbij dat architecten hun werk te graag doen. Verder kent België relatief lage vastgoedprijzen. Dat drukt de honoraria van architecten. Daarbij komt een grote concurrentie tussen architectenbureaus, ook op tarieven. Er is altijd wel een jong bureau dat het voor minder wil doen.

‘Zonder cao gaan we ook in Nederland op uurtarief concurreren’
In Nederland is er nu nog een algemeen geldende cao voor de architectenbranche. Doordat alle architectenbureaus zich aan die cao moet houden, liggen de uurtarieven voor architecten in Nederland nog op een goed niveau, stelt Wingender. In Nederland concurreren bureaus maar voor een klein deel op arbeidskosten; ze concurreren voor het grootste deel op hun visie, hun aanpak, hun diensten, en dergelijke. Op prijs-kwaliteit dus in plaats van enkel op prijs.

De cao wordt uitonderhandeld door de BNA en de vakbonden. De BNA consulteert daarbij eerst haar leden. Hoewel de BNA in basis ook alle werknemers in de branche vertegenwoordigt, onderhandelt de cao-delegatie van de BNA in dat proces formeel namens de werkgevers in de branche. Zolang het percentage architect-werknemers van BNA-bureaus meer dan zestig procent bedraagt van alle architecten die in loondienst werken kan het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) de cao algemeen verbindend verklaren. Maar bij de BNA is die zestig procent in gevaar, mede als gevolg van de uitdagende markt momenteel. Het is op het randje, waarschuwt Wingender. Veel architectenbureaus zijn zich niet van dat risico bewust.

Zonder cao zullen architectenbureaus ook in Nederland op uurtarief gaan concurreren, waarschuwt hij. Een situatie als in België, met echt te lage uurtarieven, is dan ook denkbaar in Nederland.

Gesprek met Jeroen Zuidgeest over de Oostflank van Rotterdam18 Jan 202400:51:02

Aan de Oostflank van Rotterdam komen 30.000 woningen, met alle voorzieningen die daarbij horen, plus ruimte voor makers, een rivierpark, een nieuwe sneltram, een nieuwe brug, en nog veel meer. Jeroen Zuidgeest is architect, stedenbouwkundige en oprichter van Studio for New Realities en werkte met zijn team de afgelopen jaren samen met de gemeente Rotterdam aan de overkoepelende visie voor de Oostflank. In de podcast vertelt hij uitgebreid over de plannen, maar gaat hij daarnaast ook in op de benadering van zijn bureau, dat door alle schalen werkt: van strategische visies voor stadsdelen, via masterplannen voor gebieden, tot aan gebouwen.

De overkoepelende visie voor de Oostflank betreft de gebieden tussen Prins Alexander en Zuidplein. Het gaat dan om Alexanderknoop, Boszoom / Lage Land / Prinsenland, Kralingse Zoom, De Esch, Feyenoord City, Bloemhof / Hillesluis en Hart van Zuid. De visie voor de Oostflank is onlangs goedgekeurd door de gemeente Rotterdam en wordt nu vastgelegd als een gedeeltelijke herziening van de Omgevingsvisie voor deze gebieden.

Samen met de gemeente Rotterdam heeft Studio for New Realities de afgelopen jaren gewerkt aan de visie. In de podcast vertelt Jeroen over de uitdagingen in de Oostflank en de ambitie die nu is geformuleerd. Zo vertelt hij dat er rond de OV-knooppunten ruimte is voor verdichting in de vorm van hoogbouw, maar dat in de tussenliggende gebieden gedacht wordt aan een ‘intense stedelijkheid’ in de vorm van lagere bebouwing. Denk aan de dichtheid van bijvoorbeeld Rotterdam Noord. Hij hamert daarbij op openbare ruimte als verblijfsruimte, in plaats van als verkeersruimte, en vertelt dat er in de plinten en binnengebieden ruimte komt voor voorzieningen en kleinschaliger retail, maar zeker ook voor makers.

In de plannen voor de Oostflank gaat logischerwijs veel aandacht uit naar de brugverbinding over de Maas die er zal komen. Vanuit de politiek wordt de mogelijkheid opengehouden dat er ook auto’s overheen komen te rijden. Wat Jeroen betreft wordt het een brug enkel voor wandelaars, fietsers en de nieuwe sneltram. Op die manier kan de brug ook een verblijfsplek worden; een brug die op de oevers ‘als een octopus’ verbindingen legt, en onderdeel wordt van het rivierpark dat hier aan beide zijden van de Maas komt.

Met zijn bureau, Studio for New Realities, werkt Jeroen aan meer strategische visies voor stadsdelen, maar werkt hij ook aan masterplannen voor gebieden en ook aan gebouwen. Het bureau werkt dus echt door de schalen heen. Daarbij vertelt Jeroen dat hij met zijn bureau sterk gericht is op de strategie en op de programmering om tot fijne, levendige buurten te komen.

Naast de visie voor de Oostflank, illustreert Jeroen deze benadering aan de hand van het masterplan voor District U in Vlaardingen. Het gebied, waar Unilever lang een groot onderzoekscentrum had, wordt getransformeerd tot gemengd stedelijk gebied. In aansluiting op de havenactiviteiten ten westen van het gebied komt aan die zijde ruimte voor schone bedrijvigheid. In aansluiting op de woonbuurt ten oosten van het gebied komt aan die zijde ruimte voor woningbouw.

Vlaardingen ligt op de noordoever van de Maas, maar op die oever ligt vooral havenbedrijvigheid. De stad ligt daarbij ook nog eens achter een combinatie van dijk, metrolijn en autoweg. Met de ontwikkeling van District U zal de stad nu echt met de rivier verbonden worden. Daarvoor heeft Jeroen zich met zijn team hard gemaakt voor een extra verbinding van de stad het gebied in. En die gaat er komen.

In het gebied ontwerpt Studio for New Realities nu ook verschillende gebouwen. Het eerste betreft de strategische renovatie van het bestaande auditorium, dat het hart van de buurt moet gaan vormen. De tweede betreft sociale woningbouw voor een lokale woningcorporatie. Op dit voormalige industrieterrein mag de architectuur van die gebouwen stoer zijn, vertelt Jeroen.

Gesprek met Robert Winkel over Sawa als model voor de toekomst22 Dec 202301:05:41

Robert Winkel is ontwikkelaar bij Nice developers en architect bij Mei architects and planners. In de tandem van ontwikkelaar-architect heeft hij zijn nek uitgestoken met het uiterst duurzame, houten woongebouw Sawa in Rotterdam, dat nu in aanbouw is. Als ontwikkelaar en architect wil hij nu verder. Geen massieve betonbouw meer, alleen nog gebouwen die even duurzaam en sociaal zijn als Sawa, of beter. Enkel nog Paris Proof projecten dus.

De Architectenweb Podcast wordt mede mogelijk gemaakt door AGC.

Het was van tevoren niet zo bedacht, legt Winkel in de podcast uit, maar de bouwkundige structuur van Sawa blijkt ook goed bruikbaar voor andere gebouwtypen: gesloten bouwblokken, kubusvormige blokken, scholen, of woontorens tot wel 100 meter hoogte. Het bouwkundige concept dat hij met zijn team voor Sawa ontwikkeld heeft, vindt hij zo interessant dat hij op allerlei plekken in Nederland aan het kijken is of een plan à la Sawa haalbaar is. Daarbovenop trekt hij er komend jaar Europa mee in om te kijken of er in Duitsland, Noord-Italië, Noord-Spanje en Frankrijk interesse voor is. Een investering van Focus Real Estate in Nice Developers maakt dit mede mogelijk.

Wat maakt Sawa dan zo bijzonder? In de podcast gaat Winkel daar uitgebreid op in. De basis is een houten draagconstructie bestaande uit kolommen en balken. Voor de galerij op het noorden en de diepe balkons op het zuiden zijn de balken naar buiten toe verlengd. Op de balken liggen massieve houten vloerplaten waarop als massa gerecycled dakgrind gelegd is. Om ervoor te zorgen dat het hout altijd weer als schoon hout hergebruikt kan worden, en daarmee dus te kunnen claimen dat de CO2 in het hout opgeslagen blijft, vond Winkel het cruciaal dat de noodzakelijke massa op de vloeren droog zou zijn. Zo kwam hij met zijn team uit op recycled dakgrind. Dat schep je er zo weer af.

Het verhaal gaat verder in het groen dat rondom op de balkons aangebracht wordt. Dat groen heeft hij uitgewerkt in samenwerking met zijn vriend Piet Vollaard, die onlangs de tweede editie van zijn gids voor natuurinclusief bouwen presenteerde. Dat groen moet “aardig zijn om naar te kijken” maar is vooral dienstbaar aan insecten en vogels. Weer een heel ander verhaal betreft het ventilatiesysteem in het gebouw, waarin CO2-gestuurd buitenlucht binnengehaald wordt. Dat gebeurt zonder buizen en zonder voorverwarming of -koeling. “Vergelijkbaar met wanneer je een raampje open zou zetten.”

In het gebouw is de toepassing van beton geminimaliseerd. De fundering, begane grond en liftkern is ervan gemaakt. Meer niet. En dat beton is nu gerealiseerd. De volgende fase is de houtbouw, die tegen de zomer van 2024 klaar moet zijn. Na oplevering blijft Winkel met zijn team trouwens nog vijf jaar betrokken bij Sawa om te leren hoe alles in het gebouw zich houdt. Werkt alles zoals bedacht?

Naast de bouwkundige duurzaamheid heeft Winkel zich bij Sawa ook nadrukkelijk gericht op sociale duurzaamheid. Bijna de helft van de woningen valt onder de middenhuur. Ook zijn er verschillende gemeenschappelijke ruimtes voor de bewoners. Als ontwikkelaar neemt hij genoegen met een beperkte winst van 4-5%. Daardoor blijft er meer geld over om in het gebouw te investeren. Ook zijn zo meer betaalbare woningen mogelijk. En daar is het hem om te doen; een werkelijk duurzame en sociale architectuur te realiseren.

Toren van Babel – Gesprek met Evert Klinkenberg over bewegen en ontmoeten in hoogbouw21 Dec 202300:58:48

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect Evert Klinkenberg, mede-oprichter van BETA.

Evert vertelt over zijn ervaring in Zwitserland, waar hij studeerde aan de ETH, en bij kantoor Herzog & de Meuron meewerkte aan het ontwerp van de hoogste toren van Basel. 

Hij vertelt over zijn terugkeer naar Amsterdam, en de start van BETA, het architectenbureau dat hij samen met Auguste van Oppen begon. BETA heeft een systematische manier van werken ontwikkeld, waarbij onderzoek en ontwerp zich parallel ontwikkelen. Dat komt onder andere naar voren in het onderzoek dat het bureau deed naar beweeglogica in opdracht van de Gemeente Amsterdam. De ideeën uit dat onderzoek werden vervolgens realiteit in het gebouw De Draaier op Oostenburg in Amsterdam, dat recent werd opgeleverd. 

In het onderwerp drie generatie wonen was de volgorde andersom: het realiseren van een woning voor drie generaties zette het bureau op het spoor van een onderzoek, dat leidde tot een inspirerend boek in samenwerking met gebiedsontwikkelaar AM. We bespreken bovendien de kansen voor het wonen met meerdere generaties in hoogbouw. 

Tenslotte praten we over de fascinatie die Evert uit Zwitserland heeft meegenomen: mid-rise gebouwen als kans voor verdichting en als alternatief voor hoogbouw.

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Tess Broekmans over Oostenburg07 Dec 202301:19:12

Op één van de oostelijke eilanden in Amsterdam, Oostenburg, is de afgelopen jaren een stedelijke buurt verrezen die nagenoeg autovrij is en waarvan de hoge kwaliteit van de openbare ruimte en de architectuur in het oog springt. De gerealiseerde gebouwen in de buurt hebben een wisselende breedte en hoogte, een wisselend programma en uitstraling, en zijn door allerlei verschillende architecten ontworpen. In gesprek met stedenbouwkundige Tess Broekmans van Urhahn over het ontwerp voor de buurt die ze zelf typeert als een ‘pandenstad’.

Een stedelijk gebied dat in staat is om continu te veranderen, dat met en door haar bewoners gemaakt wordt; dat is een duurzame en aantrekkelijke plek om te wonen en te werken. Dat is de overtuiging van Urhahn dat in die context spreek over de Spontane Stad: een stad die werkelijk ruimte biedt voor initiatieven van bewoners, van collectieven en van bedrijven. Veel oude binnensteden konden zo spontaan groeien. En hier en daar zijn er gebieden met een vergelijkbare potentie. Zoals bedrijventerreinen met een versnipperd bezit die nu van kleur verschieten.

Op Oostenburg ontwierp Urhahn in 2011 de basis voor zo’n spontane stadsontwikkeling. Tussen de grote gebouwen op het schiereiland – Van Gendthallen, INIT en Werkspoorhal – ontwierp het bureau een pandenstad met een veel kleinere korrelgrootte. Om ruimte te bieden aan een diversiteit aan initiatieven en programma’s, was deze pandenstad opgebouwd uit kavels van verschillende groottes, waarop kleine en grote gebouwen gerealiseerd konden worden.

In Amsterdam werd er in 2011 bijna niet meer gebouwd. De kleinschalige verkaveling die Urhahn voorstelde, bood Stadgenoot – dat de meeste grond op Oostenburg bezat – de mogelijkheid om het gebied pand voor pand te ontwikkelen. Bottom-up.

Het liep echter anders. Toen de markt aantrok meldden zich al snel ontwikkelaars die verschillende velden in het gebied wilden ontwikkelen. Als een van de weinige gebieden in Amsterdam had Oostenburg een uitgewerkt stedenbouwkundig plan. Hier konden ontwikkelaars direct aan de slag. Daarop heeft Stadgenoot verschillende velden aan verschillende ontwikkelaars gegund. Het gaat om onder andere VORM, AM en Being. De onderlegger van de pandenstad is daarbij wel gebleven.

Ieder gebouw op Oostenburg heeft zijn eigen structuur en ontsluiting. Hoewel de buurt dus in grotere delen ontwikkeld is, kan het in de toekomst wel in kleinere eenheden doorontwikkeld worden, benadrukt Broekmans in de podcast.

Binnen het concept van de pandenstad paste geen ondergrondse parkeergarage die onder de verschillende panden zou doorlopen. Ook was de grond van het voormalige industriegebied vervuild. Het parkeren is daarom ondergebracht in een apart parkeergebouw, dichtbij de uitvalswegen. Broekmans geeft aan dat, mocht er in de toekomst minder behoefte zijn aan parkeerruimte, dat gebouw getransformeerd kan worden.

Tijdens de ontwikkeling van Oostenburg ging de stijging van de bouwprijzen gelijk op met de stijging van de woningprijzen. Dat is hier een geluk geweest, beaamt Broekmans. Daardoor is de ambitie wat betreft de architectuur overeind gebleven.

In de formulering van de maximale bouwenveloppen was ruimte gelaten om daar open gangen en trappenhuizen aan toe te voegen. Dat is ook bijna overal gebeurd. En dat vertaalt zich bijvoorbeeld in passages die van de straat naar de binnentuinen lopen, waar dan de hoofdentrees tot de gebouwen aan liggen, net als de fietsparkeergarages. Als gevolg daarvan zijn de bouwblokken in het gebied heel permeabel geworden. Overal kun je van de straat doorsteken naar de binnentuinen.

Deze podcast is mede mogelijk gemaakt door AGC.

Toren van Babel – Gesprek met Frank Suurenbroek over neuroarchitectuur en hoogbouw op ooghoogte29 Nov 202300:58:56

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is Frank Suurenbroek, lector Bouwtransformatie aan de Hogeschool van Amsterdam.

Frank vertelt over zijn boek ‘Neuroarchitectuur, het ontwerpen van Hoogbouwbouwsteden op Ooghoogte’, dat hij samen met collega Gideon Spanjar schreef, en dat is verschenen bij uitgeverij NAi010. We praten over de verdichtingsopgaven waar de Nederlandse steden voor staan, en over de ontwerpoplossingen voor hoogstedelijk gebied die Frank en Gideon in het boek in beeld hebben gebracht. Frank legt uit hoe ze daarbij gebruik hebben gemaakt van kennis uit de neurowetenschappen om te begrijpen wat voor effect bepaalde ontwerpoplossingen hebben op mensen.

Daarnaast vertelt hij over zijn nieuwste onderzoek ‘Building for Wellbeing’, met daarin een parallelle analyse van de belangrijkste verdichtingslocaties in Nederland. We bespreken hoe je de essenties van zo’n verdichtingsopgave scherp kan krijgen, en hoe je de belangrijkste elementen in een plan houdt.

En we spreken over zijn passie voor stedelijke transformatie, en hoe zijn promotieonderzoek naar de stadsranden van Haarlem hem op dat spoor hebben gezet.

Het beeld bij de podcast toont een straatbeeld in Vancouver waarin door middel van een heatmap in beeld is gebracht waar mensen in zo'n straatbeeld precies naar kijken. Dat blijkt vooral te zijn waar ze andere mensen verwachten, dus op straat en in de plinten van gebouwen, maar er wordt zeker ook omhoog gekeken, naar de torens die boven de plinten uitstijgen.



Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Lennaert van Capelleveen over data, parametrisch ontwerpen en AI16 Nov 202300:52:48

Kantoorgebouwen, scholen, gemeentehuizen, sportgebouwen… bij ArchiTech Company worden ze allemaal parametrisch ontworpen. Met behulp van algoritmes worden de ontwerpen verregaand geoptimaliseerd, wat grote besparingen oplevert wat betreft materiaalgebruik en energiegebruik. Een gesprek over het werken met data, parametrisch ontwerpen en generative artificial intelligence. Tussendoor vertelt Van Capelleveen daarbij ook over zijn ervaringen bij Atelier Politiebouwmeester dat hij mede oprichtte.

De opgaven waar we voor staan zijn complex, schetst Lennaert van Capelleveen, architect en medeoprichter van ArchiTech Company. De meeste projecten liggen in de bestaande stad en vragen om een afgewogen reactie op de omgeving en de gebouwde structuren die er misschien al staan. Daarbij moeten projecten radicaal verduurzaamd worden. In het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken om de CO2-uitstoot met meer dan de helft te verminderen ten opzichte van de situatie in 1990. Als je je dan bedenkt dat projecten er jaren over doen om gerealiseerd te worden, dan betekent het dat we nu projecten moeten ontwerpen die die doelen halen.

Met foammodellen en mooie verhalen komen we er niet, stelt Van Capelleveen. We moeten echt gaan werken met de beschikbare data, die voeden aan parametrische modellen, en die met algoritmes optimaliseren. En daarbij de modellen continu bevragen op hun prestaties.

In het ontwerp voor de gezamenlijke huisvesting van het Yes College en Kindcentrum Aquamarijn in Den Haag, door Spring Architecten en ArchiTech Company, zijn in de gevel rond de ramen gebogen kapjes toegevoegd. Die verminderen de directe instraling van de zon, waardoor er wel daglicht en uitzicht is, maar veel minder opwarming door de zon. Daardoor kon de klimaatinstallatie van het scholencomplex 30% kleiner worden. Het budget dat daarmee vrijkwam, is geïnvesteerd in extra gevelisolatie. Daardoor kon het gebouw van bijna energieneutraal, BENG, naar energieneutraal, ENG.

Het lijkt zoiets kleins, de toevoeging van kapjes rond de ramen, maar het werkt dus ver door. Omdat de bezonning op iedere gevel anders is, wordt iedere gevel door ArchiTech Company ook anders behandeld. Bij staande ramen gebruikt het bureau regelmatig kapjes, bij glazen gevels vaak lamellen en bij bandramen vaak doorlopende luifels. Welke oplossing wanneer toegepast wordt, is afhankelijk van het programma en de situatie, legt Van Capelleveen uit.

Een multifunctionele accommodatie in Zuidwolde is door BCT Architecten en ArchiTech Company voorzien van een luifel uit houten latten die rondom varieert in vorm en zo af en toe ook een scherm vormt voor de ramen. Het bestaande sportcomplex is mede hierdoor getransformeerd tot een aantrekkelijke omgeving met ook een bibliotheek, een theaterzaal, zorgvoorzieningen, speciale ruimten voor de jeugd, en centraal een woonkamer met bar. 

Een dergelijke, gevarieerde gevel lijkt misschien duur, vertelt Van Capelleveen, maar door deze parametrisch te ontwerpen zijn alle latten met hun maatvoering bekend. Die data kon de leverancier van de gevel direct in zijn eigen productieproces inzetten. File 2 Factory. Al vroeg in het ontwerpproces kon zo ook bekeken worden of dit haalbaar was. En dat bleek zo te zijn. Het gebouw is momenteel in uitvoering.


Toren van Babel – Gesprek met Nathalie de Vries over multipliciteit in hoogbouw01 Nov 202301:11:18

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouwl. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect en stedenbouwkundige Nathalie de Vries, founding partner van MVRDV

In de podcast vertelt Nathalie over de start van MVRDV met het winnen van Europan, en over de vroege obsessie van het bureau met verdichting en stapelen. Ze legt uit hoe die fascinatie fysieke vorm heeft gekregen in het oeuvre van het bureau, en hoe de publicaties FARMAX en KM3 zich daartoe verhouden. En ze vertelt over het recent opgeleverde project ‘Canyon’ in San Francisco met betaalbare woningen in hoogbouw. 

Daarnaast praten we over haar leerstoel ‘public building’ aan de TU in Delft. In haar leerstoel richt Nathalie zich op het thema multipliciteit, en in het interview legt ze uitgebreid uit wat dat betekent. En ze vertelt over de populaire ontwerpstudio High Rise Culture, waarin studenten een aan hoogbouwprojecten ontwerpen. 

Tenslotte hebben we het over rol als stadsbouwmeester in Groningen, een stad die voor een flinke verdichtingsopgave staat. We bespreken hoe de stad omgaat met hoog of hoger bouwen, hoe het hoogbouwbeleid daarbij helpt, en hoe vergelijkbare steden daarvan kunnen leren. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Toren van Babel – Gesprek met Flora Nycolaas over hoogbouw in Amsterdam11 Oct 202300:57:57

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is Flora Nycolaas, hoofdontwerper stedenbouw bij de dienst Ruimte & Duurzaamheid van de gemeente Amsterdam.

In de podcast vertelt Flora Nycolaas over het nieuwe Amsterdamse hoogbouwbeleid. Het beleid, dat recent is vernieuwd, omschrijft op stedelijk niveau waar in de stad hoogbouw mogelijk is, namelijk buiten het centrum en de 19e-eeuwse ring, en rondom de knooppunten van OV-infrastructuur. En ook op gebouwniveau heeft het hoogbouwbeleid duidelijke kaders voor een goed gebouw in Amsterdam.

Flora gaat ook in op de Amsterdamse Omgevingsvisie 2050, waaraan zij werkte. In deze Omgevingsvisie vormt de verdichtingsopgave binnen de bestaande stad een belangrijk thema. We spreken onder meer over het veranderde perspectief op verdichting. 

En Flora vertelt over haar promotieonderzoek aan de TU Delft, waar ze zich richtte op de veranderbaarheid van de stad. We spreken over hoe stedenbouwkundige structuren en eigendom kansen en beperkingen bieden voor veranderbaarheid. En tenslotte spreken we over de veranderbaarheid van hoogbouw: als een structuur die meerdere manieren van gebruik toelaat. 


Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Toren van Babel – Gesprek met Ronald Huikeshoven over hoogbouw binnen gebiedsontwikkeling04 Jul 202400:52:29

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is Ronald Huikeshoven, directievoorzitter van gebiedsontwikkelaar AM.

In de podcast vertelt Ronald over zijn geboorteplaats Amsterdam en hoe de stad dramatisch is veranderd de afgelopen decennia. Hij legt uit hoe hij vanuit zijn interesse voor renovatie eerst in de bouw en vervolgens in de projectontwikkeling terecht is gekomen. Ronald vertelt over zijn tijd als bestuurslid bij Stichting Hoogbouw en hoe de discussie over en het perspectief op hoogbouw het afgelopen decennium is veranderd.

Ronald legt uit welke rol hoogbouw inneemt binnen de portefeuille van AM en vertelt hoe hoogbouw niet los te zien is van de gebiedsontwikkeling waarin deze gerealiseerd wordt. We bespreken hoe thema’s als wellbeing en social impact zich verhouden tot hoogbouw. We bespreken of wonen in hoogbouw eigenlijk wel betaalbaar is voor iedereen en we hebben het uiteraard over de haalbaarheid van hoogbouwprojecten. Luisteren dus! 

 

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com 

Toren van Babel – Gesprek met Jan Peter Wingender over hoogbouw als een ‘hoog huis’30 Aug 202301:05:36

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect Jan Peter Wingender, medeoprichter van Office Winhov.

In de podcast vertelt Jan Peter over het ontstaan van Office Winhov en de positie van het bureau binnen de Nederlandse architectuur. Hij legt uit hoe de focus van het bureau ligt bij het werken aan en intensiveren van de bestaande stad.

Jan Peter vertelt over zijn visie op verdichting en hoogbouw: over het Duitstalige idee ‘Hochhaus’: woontorens als ‘hoge huizen’ in de stad, waarbij proportie, maat en schaal, en de stedelijke horizon een belangrijke rol spelen.

En we spreken over de vraag hoe je prefabricage en rationaliteit combineert met architectonische kwaliteit. Jan Peter licht dit toe aan de hand van de woontorens die het bureau recent heeft ontworpen en gebouwd, in onder meer Amsterdam, Zürich en Eindhoven, waarin dragende betonnen prefabgevels zijn toegepast. Hij gaat hierbij uitgebreid in op de visie van Office Winhov op bouwbaarheid en repetitie in hoogbouw.

Een goed hoog gebouw? Dat staat wat Jan Peter betreft met zijn voeten in de straat, en het dient de stad.  Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.


Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Michiel Hofman over het vinden van de juiste balans binnen ontwerpen17 Aug 202300:44:28

Een gesprek met architect Michiel Hofman (HofmanDujardin) over zijn ontwerpbenadering en over het interieurontwerp voor het nieuwe hoofdkantoor van Booking.com op Oosterdokseiland, het ontwerp voor de vernieuwing van Rembrandt Park One aan het Rembrandtpark, en het ontwerp voor het kantoor-als-resort van King Gaming op Isle of Man. Het gesprek gaat vooral over het ontwerp van de werkomgeving; Hofman heeft verschillende ideeën over hoe die er in de toekomst uit zal komen te zien.

In het hoofdkantoor van Booking.com word je vanaf de entree omhoog geleid naar de tweede verdieping, waar het grote en kleine atrium zich voor je ontvouwen, en er een groot ontvangstgebied is ingericht. De hoekige en benige architectuur van UNStudio is hier op z’n sterkst en daar had een interieur bij ontworpen kunnen worden dat zich daar ondergeschikt aan zou maken. Zo niet bij Booking.com, waar Linehouse een even stevig interieurontwerp ertegenover heeft gezet met opvallende ronde barretjes waar eten en drinken besteld kan worden.

Het heeft wel iets van een festivalterrein, analyseert architect Michiel Hofman die met zijn team optrad als hoofd interieurarchitect van het hoofdkantoor van Booking.com en een serie interieurarchitecten, waaronder Linehouse, begeleidde. In het ontvangstgebied werkt die stevige interieurarchitect juist goed tegenover die stevige architectuur, vindt Hofman: daarmee ontstaat er een balans.

Dat vinden van de juiste balans is iets dat Hofman tijdens het gesprek, in verschillende bewoordingen, steeds opnieuw benoemt. Met zijn bureau, dat hij samen met zijn vrouw Barbara Dujardin runt, heeft hij een masterplan opgesteld voor het interieur van het hoofdkantoor van Booking.com. Binnen dat grotere plan nodigden ze verschillende andere ontwerpers uit om onderdelen in te vullen. Zo ontwierp i29 het grootste restaurant, ontwierp Studio Modijefsky een kleiner restaurant en de fitnessruimte, ontwierp CBRE kleinere ontvangstruimtes en de boardroom, en ontwierp UNStudio het auditorium. Zelf ontwierp HofmanDujardin het gros van de andere ruimtes, zoals de werkvloeren, maar ook de breakout spaces. Dit zijn combinaties van koffiepunten met overlegruimtes en hoge en lage zitjes.

Met de coronacrisis heeft het hybride werken een grote vlucht genomen. Om mensen naar kantoor te trekken, moet het een aantrekkelijker omgeving worden, ziet Hofman. Daarbij zal het kantoor in de meeste gevallen niet versmald worden tot vooral ontmoetingsplek, verwacht hij. Het kantoor moet naar zijn idee veel meer blijven bieden dan dat alleen.

Binnen het werk van zijn bureau ontdekte hij naar verloop van tijd een verbindend concept dat ze Shaping Intuition genoemd heeft. Daarbij gaat het eerste deel, shaping, over de vormgeving van de ruimtes, en gaat het tweede deel, intuition, over hoe die ruimtes beleefd worden. Binnen die beleving spelen in zijn visie vier elementen: connection, spaciousness, groundedness en expression. 

De verbinding, tussen ruimtes en tussen mensen, de connection, is maar één van de vier aspecten van een goed kantoor, legt hij in de podcast uit. Het is net zo belangrijk dat het kantoor ruimtelijk is, dat er voldoende privacy is, en dat het door kleur, textuur en kunst een inspirerende plek is. In ieder ontwerp zoekt hij naar de juiste balans tussen die vier aspecten die de beleving van ruimtes bepalen (intuition) en koppelt hij die aan de vier aspecten waar het in de vormgeving van de ruimtes om draait (shaping).

Deze podcast wordt mede mogelijk gemaakt door AGC.

Toren van Babel – Gesprek met Evert Kolpa over gezinnen en hoogbouw 12 Jul 202300:46:53

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect Evert Kolpa, mede-oprichter van Van Bergen Kolpa Architecten. 

Evert vertelt over zijn jeugd in het Westland, waar zijn fascinatie voor voedselproductie is ontstaan. Hij beschrijft de start van zijn bureau, en hun focus op wonen en voedsel – twee primaire levensbehoeften. 

Evert beschrijft zijn visie op de ontwikkeling van de stad Rotterdam en het belang van het behoud van gezinnen in de stad. De door Van Bergen Kolpa ontworpen toren ‘de Maasbode’, die in aanbouw is in het gebied Cool in Rotterdam, is een voorbeeld van het combineren van gezinswoningen met hoogbouw. Evert legt uit hoe de typologie van deze toren in elkaar zit. Ook gaat hij in op de vraag hoe de ontwikkelaar van de toren aankijkt tegen de efficiëntie van deze innovatieve typologie.

Tenslotte gaan we in op de kans voor voedselproductie in hoogbouw. Van Bergen Kolpa maakt onderdeel uit van een onderzoek consortium dat de kansen voor gestapelde voedselproductie onderzoekt. Luisteren dus!

Gesprek met Britta en Diederik van Egmond over sociale luxe06 Jul 202301:13:31

Van Egmond, architecten ontwerpt zowel traditioneel vormgegeven woongebouwen, hotels en villa’s als eigentijds vormgegeven sportgebouwen, sociale woningbouw en villa’s, al dan niet met een volledig houten constructie. Het doel is om tijdloze en duurzame gebouwen te realiseren, leggen de partners van het bureau in de podcast uit, en zij zien meerdere manieren om dat doel te bereiken. In Leiden wordt momenteel een hybride stadsblok naar ontwerp van het bureau afgerond.

Britta van Egmond is opgeleid aan de AA in Londen terwijl haar broer Diederik van Egmond opgeleid is aan de TU Delft. Na hun studie gingen beiden, tegen hun eigen verwachting in, snel aan de slag binnen het bureau van hun vader, dat ze later samen overnamen. Het familiebedrijf heette lange tijd Van Egmond Totaal Architectuur, omdat het op alle schaalniveaus werkt, van stedenbouw tot interieur, maar projecten ook bouwkundig helemaal uitwerkt. Onlangs is het bureau hernoemd tot Van Egmond, architecten met een komma dus tussen ‘Van Egmond’ en ‘architecten’, een knipoog naar dat ze beide Van Egmond heten maar dus ook architecten zijn.

In de podcast leggen Diederik en Britta uit dat ze het ontzettend belangrijk vinden dat de buurten, gebouwen en interieurs die ze ontwerpen er heel fraai uitzien, maar dat het allerbelangrijkste toch is dat er collectieve en publieke ruimtes zijn waar je elkaar als buren kunt ontmoeten, waar je anderen tegenkomt, en dat je binnen je eigen woning goede ruimtes hebt voor de familie en om vrienden te kunnen ontvangen. Want om die ontmoetingen en dat samenzijn gaat het uiteindelijk toch in het leven, benadrukken ze.

Britta en Diederik noemen dat ‘sociale luxe’ en illustreren bij verschillende projecten hoe dat vorm krijgt. Bij het hybride stadsblok De Ananas in Leiden, naast station Leiden Lammenschans, zijn er ruime en dubbelhoge entreehallen waar buren even een praatje met elkaar kunnen maken, zijn de galerijen binnenin het blok plaatselijk voorzien van kleine balkons die uitnodigen om ook daar even een praatje met elkaar te maken en is de binnentuin zelf, die bovenop een dubbellaagse parkeergarage ligt, sterk vergroend en voorzien van allerlei bankjes en zitjes, maar bijvoorbeeld ook van een jeu de boules-baan. Vol aanleidingen dus om met elkaar in gesprek te gaan.

Bij individuele woningen – of het nou gaat om villa’s of interieurs – is de opgave meer hoe de woning zich tot de straat verhoudt, maar ook tot de eigen tuin, en hoe binnen de woningen fijne ruimtes zijn om vrienden te ontvangen. Zeker bij grotere woningen is het daarbij ook de uitdaging om ervoor te zorgen dat iedereen in de woning nog met elkaar in contact staat en er fijne plekken zijn, bijvoorbeeld in de leefkeuken, waar je bij elkaar komt.

Bij de uitbreiding van Hotels van Oranje in Noordwijk met appartementen hebben de architecten erop ingezet om de lobby van het hotel en de woningen gedeeld te maken, zodat er altijd reuring is, en bewoners en gasten elkaar tegenkomen. Van Egmond, architecten ontwerpt ook de inrichting van die lobby, maar dat begint toch bij de hoogte van die ruimte, benadrukt Diederik: bij een grote ruimte moet de hoogte ook echt rianter zijn.

Afgelopen jaren is Britta van Egmond ook te zien geweest in het RTL4-programma De Perfecte Verbouwing. In de podcast vertelt ze dat ze het ook als een kans ziet om aan een breed publiek de meerwaarde van architectuur te laten zien en aan jonge vrouwen te tonen dat een beroep als architect tot de mogelijkheden behoort. Sinds ze op televisie figureert wordt ze ook vaker gevraagd om op bijeenkomsten te vertellen over de meerwaarde van een architect.

Toren van Babel – Gesprek met Simone Tax over hoogbouw en wind14 Jun 202300:40:39

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is Simone Tax, stedenbouwkundige bij de gemeente Rotterdam. 

Simone is opgeleid als stedenbouwkundige aan de TU Eindhoven met als specialisatie stedenbouwfysica; een crossover tussen stedenbouw en bouwfysica, met als diepere specialisatie wind. In haar werk als stedenbouwkundige bij de gemeente Rotterdam werkt ze aan de planvorming van de Rijnhaven. Daarbij heeft ze met Emiel Arends, die eerder te gast was in de podcast, ook gewerkt aan de Handleiding Windhinder & Windgevaar

In de podcast spreekt Simone over haar fascinatie met dit onderwerp, de noodzaak om zeer vroeg in het proces na te denken over wind, het verschil tussen een windtunnel en CFD, en de NEN 8100. Maar we hebben het ook over wat nu een aangenaam windklimaat is in de stad, welke veranderingen je kan doen op gebouwniveau om het windklimaat te verbeteren, en hoe je wind kan inzetten voor het verbeteren van luchtkwaliteit. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Gijs en Joost Baks over de publieke dimensie van architectuur01 Jun 202300:59:57

Een gesprek met architecten Gijs Baks en Joost Baks van Space Encounters over het publieke in de architectuur en hoe zij daar in hun ontwerpen op verschillende manieren vorm aan geven. Tussendoor komt ook ter sprake hoe het is om als broers zo nauw samen te werken.

Een belangrijk thema in het werk van Space Encounters is het vormgeven aan de publieke dimensie van architectuur. Het gaat daarbij om het ontwerp van de overgang tussen privé en publiek, maar ook over het ontwerp van publieke en semi-publieke ruimtes binnen gebouwen.

In de nieuwe buurt Wisselspoor in Utrecht heeft het bureau op verschillende plekken de overgang tussen privé en publiek ook anders vormgegeven. Er zijn eengezinswoningen met concave gevels die de publieke ruimte voor de woningen als het ware omarmen, er zijn appartementen die via spiegels in de negges van de ramen ook in de lengte van de straat kijken, er zijn appartementengebouwen die wat terug liggen van de straat om zo ruimte te maken voor klimop, die over frames groeit, en als intermediair zal gaan functioneren.

Oostenburg in Amsterdam is net zo’n autoluwe wijk als Wisselspoor. Bij de woongebouwen die Space Encounters daar heeft ontworpen liggen er ook woningen op de begane grond. Ook hier is de overgang tussen privé en publiek weer zorgvuldig ontworpen, in dit geval met woningbrede trapjes. Voor de bewoners is dat straks een heerlijke plek om buiten te zitten.

Tussen de twee woongebouwen op Oostenburg hebben Joost en Gijs Baks als het ware een heel smal pandje ontworpen van waaruit beide gebouwen ontsloten worden. Op de begane grond kom je hier binnen, op de verdiepingen vormt dit pandje brede corridors. Op beide koppen eindigen deze corridors in trappenhuizen die uitkragen over de straat. Deze trappen zijn omwikkeld door stalen netten en meer ook niet. Door het ontbreken van spiegelend glas of andere omhulling is er een directe zichtrelatie met de straat. De publieke straat loopt hier als het ware als een semi-publieke straat omhoog. 

Bij The Doors op Buiksloterham heeft iedere twee voordeuren gekregen. Die extra deur kan ingezet worden om een praktijk aan huis te hebben en die praktijk te scheiden van de eigen woonruimte. Met al die praktijken aan huis, dat kunnen er hier twaalf zijn, heeft dit gebouw een veel publieker karakter dan een regulier woongbouw. Dit betekende dat normale halletjes op de verdiepingen niet voldoende waren. Space Encounters heeft daarom voorgesteld die halletjes een stuk groter te maken en die halletjes verticaal met elkaar te verbinden met een wenteltrap die meteen ook de tweede vluchtweg vormt. De entreehal beneden is daarbij nog extra ruim gemaakt en voorzien van groen.

Ieder gebouw heeft een publieke dimensie, stellen architecten Gijs en Joost Baks. Bij villa’s ziet dat er anders uit dan bij stedelijke woongebouwen, en bij werkomgevingen ziet dat er weer anders uit, net als bij publiekere gebouwen. Op dit moment werkt Space Encounters aan verschillende van die publiekere gebouwen en de grootste daarvan ligt op Industriepark Kleefse Waard in Arnhem. Op dit bedrijventerrein zijn allerlei bedrijven uit de cleantech gevestigd, net als een hogeschool, en andere creatieve bedrijven. Het voormalige KB Gebouw op dit terrein is 17.000 vierkante meter groot en bestaat voor het grootste deel uit een tien meter hoge industriële hal. Naar ontwerp van Space Encounters wordt deze hal nu getransformeerd tot een gebouw dat gedeeld gaat worden door bedrijven in de cleantech en de hogeschool. De grote hal wordt daarbij doorsneden door overdekte en niet-overdekte straten; centraal wordt een plein met tuin gemaakt waar de gedeelde voorzieningen aan komen te liggen, zoals de evenementenruimte, de vergaderruimtes en het restaurant.

Bij de oprichting bijna tien jaar geleden had Space Encounters vier partners: Gijs Baks, Remi Versteeg, Joost Baks en Stijn de Weerd. Enkele jaren geleden zijn Remi Versteeg en Stijn de Weerd hun eigen weg ingesla

Gesprek met Boris Zeisser over wooncoöperatie De Warren27 Apr 202301:17:37

Een bijna volledig houten woongebouw waarin dertig procent van de woonruimte gemeenschappelijk is. Voor wooncoöperatie De Warren op Centrumeiland op IJburg heeft Natrufied Architecture een uiterst duurzaam en zeer collectief woongebouw ontworpen. In gesprek met architect Boris Zeisser van Natrufied Architecture over het gebouwontwerp.

De hoeveelheid bos in Zweden is in de afgelopen eeuw toegenomen. Dat komt mede doordat er een verdienmodel onder ligt, vertelt Zeisser. De particuliere eigenaren van deze bossen kappen ieder jaar een klein deel van de bomen om dat als hout te verkopen. Ondertussen profiteert de natuur van al dat bos. Zeisser stelt: hoe meer we met hout bouwen, hoe meer er ook zal zijn en blijven.

Voor Natrufied Architecture, dat hij samen met architect Anja Verdonk leidt, is de uitdaging momenteel om ook alle materialen rond de houten constructie biobased te maken. Als het om kelders, funderingen en geluidswerende massa gaat liggen daar nog stevige uitdagingen. Het lukt al wel vaak om de gevelisolatie biobased te maken, net als de afwerking van vloeren en gevels. Met een aantal boeren onderzoekt Natrufied Architecture momenteel of er nieuwe biobased materialen te vinden zijn die zonder al te veel bewerkingen als gevelmateriaal toegepast kunnen worden.

Dan het woongebouw dat Natrufied Architecture voor De Warren ontworpen heeft. Dat woongebouw heeft een grotendeels houten draagconstructie bestaande uit glulam balken en kolommen, en wanden uit CLT richting de gangen en gemeenschappelijke ruimtes. De wanden tussen de verschillende woningen zijn juist niet uitgevoerd in massief hout om de grootte van de woningen in de toekomst nog te kunnen aanpassen.

De gevel van De Warren is bekleed met hergebruikte houten beschoeiing en houten meerpalen uit de waterbouw. Keihard hout. Tussen en over die palen groeien klimplanten. Dat doen die planten vanuit plantenbakken die in de gevel opgenomen zijn en die automatisch geïrrigeerd worden. De gevels van het gebouw zijn nu nog kaal. Maar aan het eind van de zomer zal het er al heel anders uitzien, voorspelt Zeisser.

De Warren is gebouwd in opdracht van een wooncoöperatie met dezelfde naam. Deze wooncoöperatie, die hier de juridische vorm van een vereniging heeft, blijft eigenaar van het gebouw en heeft als doelstelling om tot in lengte van jaren woningen aan te bieden tegen betaalbare huren.

Omdat de bewoners geen eigenaar zijn van alleen hun eigen woningen, maar juist onderdeel zijn van een groter geheel, kan juist bij wooncoöperaties het eigen domein genuanceerd worden ten gunste van het gemeenschappelijke domein. Bij De Warren hebben de bewoners ervoor gekozen dertig procent van hun woonruimte gemeenschappelijk te maken. Zo ontstond ruimte voor een grote gemeenschappelijke woonkamer, gezamenlijke keukens op de verschillende verdiepingen, een gezamenlijke plek om ‘vanuit huis’ te kunnen werken, een gezamenlijke wasruimte, een gezamenlijke speelruimte voor de kinderen, een gezamenlijke muziekstudio (doos-in-doos), een gezamenlijke daktuin, en zo nog meer. Iedereen heeft wat kleinere eigen woonruimtes, maar kan gebruikmaken van in totaal 800 vierkante meter gezamenlijke ruimte.

In Amsterdam betalen wooncoöperaties een andere prijs voor de grond dan ontwikkelaars die voor de vrije sector bouwen, net als dat woningcorporaties ook een andere grondprijs betalen, legt Zeisser uit. Hoewel de grondprijs nog steeds fors was, bleek het hier mogelijk dit woongebouw te realiseren. Op Centrumeiland van IJburg heeft Natrufied Architecture zelfs nog een woongebouw ontworpen voor een wooncoöperatie: De Torteltuin. Waar het woongebouw voor De Warren begin dit jaar opgeleverd is, daar moet de bouw van De Torteltuin nog beginnen. Qua opzet lijkt De Torteltuin wel op De Warren, vertelt Zeisser. Ook bij dat project is dertig procent van de ruimte gemeenschappelijk.

Deze podcast wordt mede mogelijk gemaakt door AGC.

Toren van Babel – Gesprek met Paco Bunnik over hoogbouw op de Zuidas12 Apr 202300:53:08

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect en stedenbouwkundige Paco Bunnik, supervisor van de Zuidas in Amsterdam.

Paco is opgeleid als architect en stedenbouwkundige aan de TU Delft. In het interview gaat hij in op zijn eerste kennismaking met de Dienst Ruimtelijke Ordening (tegenwoordig: Ruimte & Duurzaamheid) van de gemeente Amsterdam tijdens zijn studietijd. Hij vertelt over het Amsterdam van eind jaren negentig, en het begin van het werken aan de stad.

Paco heeft lang gewerkt als architect, waarna hij de overstap maakte naar stedenbouw. Hij vertelt over het belang van het publieke domein, en de Amsterdamse traditie van het werken aan de stad. Paco heeft veel gewerkt aan en rond de IJ-oevers, en vertelt over de ontwerpmethode die hij heeft ontwikkeld in de Buiksloterham in Amsterdam Noord. 

Sinds anderhalf jaar is hij supervisor van het hoogbouwdistrict Zuidas. Paco vertelt over het ontstaan van het gebied, de rol van de Zuidas in de stad, de grote opgaven die er spelen en over de rol van de supervisor daarin. Ook gaat hij in op de overeenkomsten en verschillen tussen de Zuidas en andere zakendistricten in Europa, zoals La Defense en Canary Wharf. 

Tenslotte legt Paco uit hoe hij zijn manier van werken vanuit de Buiksloterham ook toe kan passen op de Zuidas. Luisteren dus!

De foto bij de podcast is gemaakt door Jan Vonk Fotografie.

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Nanne de Ru over Construction Company29 Mar 202300:48:25

Naast Powerhouse Company en RED Company heeft Nanne de Ru twee jaar geleden ook Construction Company opgericht. Projecten die zelf ontwikkeld en ontworpen worden, kunnen zo ook zelf gebouwd worden. Het bedrijf is een soort bouwmanagementbureau, legt Nanne in de podcast uit, dat als een hoofdaannemer alles coördineert. Voor de feitelijke bouw wordt samengewerkt met bouwpartners.

Geen ‘of gelijkwaardig’ meer, legt Nanne uit; wat in de ontwerpfase uitgedacht is, dat moet gewoon worden gebouwd. Dus geen ‘inkoopvoordeel’ meer voor onderaannemers. Want daar lijdt de kwaliteit van de projecten echt onder en levert in het bouwproces heel veel onrust op. Het werkt gewoon veel beter, en ook veel plezieriger, als gewoon gebouwd wordt wat getekend staat.

Met RED Company en Powerhouse Company wil Nanne projecten graag ‘omhoog redeneren’, dus beter maken en dan ook wat hoger in de markt zetten. Dat werkt vanzelfsprekend ook door in de bouw van projecten. Met Construction Company wil hij met zijn team ook daar de kwaliteit omhoog trekken.

In projecten fungeert Construction Company als hoofdaannemer. Er werken werkvoorbereiders en uitvoerders. Het is een klein team. De feitelijke bouw wordt gedaan door gespecialiseerde bouwbedrijven: Fundex voor de funderingen, Byldis voor de prefab betonnen constructie en gevel, enzovoorts. Vanwege de andere manier van samenwerken noemt Nanne dit geen ‘onderaannemers’ maar ‘bouwpartners’.

In Duitsland, Engeland en de Verenigde Staten wordt al veel op deze manier gewerkt, legt hij ook uit. Daar wordt het vaak ‘contract management’ genoemd. Vanuit haar vestiging in München heeft Powerhouse Company in Duitsland en Zwitserland op die manier ook twee grote woningen gerealiseerd. In Nederland inspireerde de bouw van Floating Office Rotterdam, dat feitelijk door verschillende bouwpartners gerealiseerd is, tot de oprichting van Construction Company nu twee jaar geleden.

Het eerste project dat Construction Company gerealiseerd heeft, is het kantoor- en laboratoriumgebouw van Johnson & Johnson in Leiden. Begin dit jaar is het gebouw opgeleverd. In de podcast vertelt Nanne hoe die bouw is verlopen. Het project is ontwikkeld door RED Company, ontworpen door Powerhouse Company en gebouwd door Construction Company.

Een van de projecten waaraan Construction Company momenteel werkt is de Baan Tower. De bouw van deze 150 meter hoge toren start in mei van dit jaar. De Baan Tower is een zeer uitgesproken voorbeeld van wat Nanne met het omhoog redeneren van projecten voor ogen heeft. De woontoren krijgt een zwart marmeren gevel, elementen in de lobby van bladgoud, ramen in de appartementen van 2,3 bij 2,3 meter… bovenop de laagbouw komt een zwembad voor de bewoners, er komt een yoga en fitness studio, een sauna en spa, en een bibliotheek waar bewoners thuis maar niet vanuit huis kunnen werken… het zal logischerwijs geen goedkope plek zijn om te wonen, maar dan heb je ook wel wat!

Het enige dat vervolgens nog ontbreekt is dat de zelf ontwikkelde, zelf ontworpen en zelf gebouwde projecten ook zelf in eigendom gehouden worden, sluit Nanne af. Dat is de cirkel rond, stelt Nanne. Ook wat dat betreft vormde Floating Office Rotterdam trouwens de pilot. Het drijvende gebouw – waarin Powerhouse Company. RED Company en Construction Company ook in gevestigd zijn – is voor een deel ook zelf in eigendom gehouden.

Gesprek met Ellen Schindler over het verder ontwikkelen van een architectenbureau22 Mar 202301:19:25

Als CEO van De Zwarte Hond focust Ellen Schindler zich op het verder ontwikkelen van de cultuur van het bureau. Daarbij richt ze zich intern bijvoorbeeld op het versterken van kennisdeling, talentontwikkeling en inclusiviteit. Extern kijkt ze naar hoe het bureau kan reageren op maatschappelijke opgaven en ontwikkelingen, en ondersteunt ze de internationalisering van het bureau. Naast vestigingen in Rotterdam en Groningen heeft het bureau ook een vestiging in Keulen.

Een van de speerpunten van Ellen Schindler is het versterken van de inclusiviteit in de branche en dan met name het verhogen van de participatie van vrouwen. Bij De Zwarte Hond ziet ze dat in junior functies nog relatief veel vrouwen werkzaam zijn. Maar in medior en senior functies ziet ze dat percentage stapsgewijs afnemen. In de negenkoppige directie van het bureau is Schindler zelfs de enige vrouw. Ze werkt er hard aan om dat om te buigen.

Door de coronacrisis is hybride werken in de architectenbranche veel gewoner geworden, ook bij De Zwarte Hond. Dat biedt echt veel kansen, denkt Schindler. Hetzelfde geldt voor het borgen van een goede balans tussen werk en privé. Ook daar wordt bij De Zwarte Hond goed naar gekeken. Iets wat ook helpt is om bij de werving van nieuwe medewerkers altijd vrouwen in de selectiecommissie op te nemen.

Maar uiteindelijk is er ook een ketenverantwoordelijkheid, stelt Schindler. Dat begint bij de opleidingen; welke verwachting wordt daar geschapen van de branche? Daarnaast gaat het over wetgeving, zoals de lengte van het vaderschapsverlof. En uiteindelijk gaat het ook over de gesprekken aan de keukentafel waarin de zorg voor kinderen wordt verdeeld. Iedereen staat vrij haar of zijn keuze te maken, benadrukt Schindler, maar om de participatie van vrouwen te verhogen moeten we niet alleen naar de vrouwen kijken, maar ook naar de mannen ernaast en eromheen. Uiteindelijk is het iets dat we alleen met z’n allen kunnen veranderen.

Het versterken van de inclusiviteit is één van de zaken waar Schindler zich op richt bij De Zwarte Hond. In de podcast vertelt ze ook over alle andere zaken waar ze op inzet, zoals talentontwikkeling (bijvoorbeeld met mentoren), kennisdeling (via wekelijkse ontwerpreviews en een rijk intranet) en kennisontwikkeling (via eigen onderzoeken en publicaties). Ook de branding en grafische vormgeving van het bureau komt ter sprake. 

Als onderdeel van haar missie om onze leefwereld op alle vlakken te verbeteren heeft Schindler het initiatief genomen om een graphic novel te maken rond verleden, heden en toekomst van Rotterdam. Dit boek, Metro 010, wordt de komende vijf jaar onder alle brugklassers in Rotterdam uitgedeeld. De kennis over de eigen stad wordt zo sterk vergroot. Schindler hoop dat vanuit de stad zo een grotere betrokkenheid gevoeld gaat worden bij de verdere ontwikkeling van de stad. Iedereen kan daar namelijk een bijdrage aan leveren, benadrukt ze; de dat is van iedereen.

In de podcast vertelt Schindler waar het idee voor de graphic novel vandaan kwam en hoe ze dat met verschillende schrijvers en vooral ook veel tekenaars – allemaal uit Rotterdam – heeft uitgewerkt. Het boek is ook in de (online) boekhandel verkrijgbaar en is nu al toe aan een tweede druk.

Deze podcast is mede mogelijk gemaakt door Reynaers Aluminium. Rond het 25-jarig jubileum van de Reynaers Projectprijs is een boek uitbracht. Onder de luisteraars van deze podcast worden tien exemplaren hiervan verloot. Wil je kans maken op één van die boeken? Stuur dan een mailtje naar marketing@reynaers.nl.

Gesprek met Willemineke Hammer en Roemer Pierik over 50 jaar EGM architecten20 Jun 202400:59:29

Dit jaar viert EGM architecten haar 50-jarig bestaan. In deze podcast een gesprek met twee architecten en partners van het bureau, Willemineke Hammer en Roemer Pierik, over de geschiedenis van het bureau, over enkele actuele projecten, en over de toekomst.

EGM architecten ontstond in 1974 als een fusie tussen de bureaus van Gerard Gerritse en van Wout Eijkelenboom en Bram Middelhoek. Het was een fusie tussen een bureau met een meer architectonische inslag en een bureau met een meer bouwtechnische inslag, vertelt Hammer in de podcast. Het brede bureau dat zo ontstond was bij uitstek toegerust om bijvoorbeeld academische ziekenhuizen te ontwerpen, waar het ook vrijwel direct aan kon werken.

De breedte die destijds in het bureau ontstond – architectuur, projectmanagement, bouwtechniek – wordt nog altijd gekoesterd. Die breedte kan het nu bijvoorbeeld goed kwijt de total engineering opdrachte, die het bureau steeds vaker krijgt. Maar omdat opdrachten regelmatig ook beperkter zijn, stelt het bureau zijn bouwtechnische kennis en vaardigheden ook beschikbaar voor anderen, via powered by EGM. Zo heeft het bureau het ontwerp van MAD voor Fenix II helemaal uitgewerkt.

In de podcast bespreken we het ontwerp van EGM architecten voor het nieuwe hoofdgebouw van het Radboudumc in Nijmegen: een gestapeld ziekenhuis waarin bezoekers en gebruikers zich via panoramaliften en ruime trappenhuizen door het gebouw bewegen. De verzamelde kennis rond healing environment is in het ziekenhuis op alle schaalniveaus uitgewerkt: van het uitzicht op het groen en de stad daarachter via de tekeningen van dieren uit de omgeving op de muren tot de activerende inrichting van de patiëntenkamers en de verdiepingen daaromheen.

Zorg vormt nog altijd de helft van het portfolio van EGM architecten. Maar het bureau werkt dus ook aan heel veel andere opgaven. Zo werkt het momenteel aan de uitbreiding van Eindhoven Airport en heeft het in Rotterdam-Noord een woongebouw ontworpen dat een interessant perspectief biedt op de verdichting van negentiende-eeuwse buurten.

Als het om de digitalisering van het architectenvak gaat, was EGM architecten er vroeg bij. Het bureau had al in 1975 een eerste computer, zo groot als een kamer, waarin de financiele administratie, projectkosten en urenadministratie werd geautomatiseerd. Momenteel experimenteert het bureau volop met parametrische ontwerpen en generative design, wat toch ook aan AI grenst. Het bureau was er ook al vroeg bij als het om de integratie van VR in ontwerpproecessen gaat. Dat gebruikt het bureau nog steeds. Maar het bureau merkt dat het dat niet altijd in hoeft te zetten. In een vergadering op een groot scherm met elkaar door een real-time gerenderd project bewegen is vaak voldoende. Dan ziet iedereen aan tafel waar het om gaat.

Al die techniek maakt heel veel mogelijk, maar levert nog geen compleet ontwerp op. Daarvoor is ook vormgeving nodig, architectonische vormgeving, die inspeelt op de menselijke beleving van het gebouw.

Toren van Babel – Gesprek met Adam Smit over de transformatie van hoogbouw15 Mar 202300:56:34

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is architect Adam Smit, partner bij ZZDP Architecten.

Het vertrekpunt van het gesprek met Adam is zijn opleiding en werkervaring in Londen. In 2003 kwam hij terug naar Nederland om te gaan werken bij ZZDP Architecten. We spreken over de geschiedenis van het bureau, wat ‘architect-ondernemer’ zijn betekent, en over de belangrijke plek die hoogbouw inneemt in de ontwikkeling van het bureau.

Adam vertelt over zijn ervaring met transformaties, met name ook van hoge gebouwen. We spreken over de transformatie van het voormalige ABN AMRO-kantoor in het Erasmuspark in Amsterdam tot hotel met dynamische plint en over de transformatie van een kantoortoren tot woontoren in Rijswijk.

De transformatie of vernieuwing van hoogbouw kan een belangrijke impuls betekenen voor een gebied. Een voorbeeld daarvan is de vernieuwing van de Dreeftoren in Amsterdam Zuidoost, op steenworp afstand van de Amsterdam Arena en station Bijlmer Arena. Naast deze straks iets dikkere kantoortoren verrijst de hoogste woontoren van Amsterdam. De kantoor- en woontoren worden met elkaar verbonden door een nieuw plintgebouw. Het nu nog behoorlijk desolate werkgebied wordt zo getransformeerd tot een levendig stedelijk gebied.

Wat is een goed getransformeerd hoog gebouw? Volgens Adam is het simpel: het moet gewoon beter zijn dan de bestaande situatie. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties:  hoogbouw@more-architecture.com

Het beeld bij de podcast toont het ontwerp van ZZDP Architecten voor de transformatie van de Winston Churchill Tower in Rijswijk. De impressie van de toren is gemaakt door Pixelpool.

Gesprek met Jurriaan van Stigt over carbon-based design01 Mar 202301:08:04

De grote hoeveelheid CO2 die de bouw nu nog jaarlijks uitstoot, moet drastisch teruggedrongen worden. Binnen die opgave groeit de aandacht voor de materiaalgebonden CO2-uitstoot nu het energievraagstuk zeker bij nieuwbouw voor een groot deel opgelost is. Afgelopen jaar heeft LEVS architecten onderzoek gedaan naar die materiaalgebonden CO2-uitstoot en een werkmethode ontwikkeld om deze stapsgewijs te verminderen. Een van hun conclusies is dat met een MPG van 0,8 of zelfs 0,6 nog veel te veel CO2 wordt uitgestoten. Dat moet veel ambitieuzer.

Als we alles gebouwd hebben dat momenteel door architectenbureaus getekend is, dan zijn we in Nederland waarschijnlijk door ons CO2-budget heen, waarschuwt Jurriaan van Stigt, architect en partner van LEVS architecten. Om de klimaatdoelen uit het Akkoord van Parijs te halen, zou ieder jaar de CO2-uitstoot moeten dalen. Omdat dit zeker in de bouw nog te weinig gebeurd, wordt daar nu eigenlijk beslag gelegd op toekomstige uitstoot.

Als we de door het Rijk gewenste 900.000 woningen volgens MPG 0,8 zouden bouwen, dan wordt tweemaal zoveel CO2 uitgestoten dan volgens het Akkoord van Parijs is afgesproken. Het Dutch Green Building Council (DGBC) heeft berekent dat er voor de bouw als geheel nog een budget is van 78 Mton CO2 en dat er voor de woningbouw nog 18 Mton CO2 is. Worden al die 900.000 woningen echter volgens MPG 0,8 gebouwd, dan zou de uitstoot op 45 Mton uitkomen: meer dan het dubbele dus.

Met een MPG van 0,8 of zelfs 0,6 denk je als architectenbureau al heel duurzaam te bouwen, vertelt Van Stigt, maar als je dat dan doorrekent naar CO2 / m2 BVO, dan blijkt die uitstoot nog tweemaal zo hoog als waar we volgens het DGBC op dit moment zouden moeten zitten. De MPG zou momenteel eigenlijk al op 0,4 of 0,3 moeten zitten, denkt Van Stigt, en dan ieder jaar lager moeten worden. Anders halen we de klimaatdoelen uit het Akkoord van Parijs simpelweg niet, anders gaat het ons niet lukken om de aarde niet meer dan 1,5 graad te laten opwarmen.

Afgelopen jaar heeft LEVS architecten onderzoek gedaan naar de materiaalgebonden CO2-uitstoot, en heeft het bureau een werkmethode ontwikkeld om die CO2-uitstoot inzichtelijk te maken en daar vervolgens op te kunnen sturen. Die werkmethode ziet er zo uit:

  • BIM-model opbouwen in zes lagen (volgens S-model van Stewart Brand);
  • CO2-uitstoot per materiaal uit Nationale Milieudatabase halen en aanvullen met losse Environmental Product Declarations (EPD’s);
  • Volgens Paris Proof rekenmodel van DGBC uitrekenen van de CO2 / m2 BVO;

Uiteindelijk is het gewoon een rekensom. Zoveel materiaal maal zoveel CO2-uitstoot gedeeld door het aantal vierkante meters BVO. Geen duurzaamheidscertificaat dat het gebouw als Excellent of Outstanding betiteld, maar een getal dat gerelateerd kan worden aan het Akoord van Parijs. Volgens het DGBC zouden nu opgeleverde gebouwen op 220 kg CO2 / m2 BVO moeten zitten. Toen LEVS architecten een aantal eigen projecten doorrekende, waren de resultaten wel even schrikken, vertelt Van Stigt. De projecten hadden een MPG van 0,8 of 0,6, maar leverden tweemaal zoveel CO2-uitstoot op als op dit moment zou moeten.

Volgens DGBC zouden gebouwen die in 2030 opgeleverd worden op 139 kg CO2 / m2 BVO moeten zitten en in 2050 uiteindelijk op 50 kg CO2 / m2 BVO. Omdat het jaren duurt voordat voordat projecten gerealiseerd worden, zouden overheden, opdrachtgevers, architecten en bouwers nu al met die veel lagere CO2-uitstoot moeten rekenen, stelt Van Stigt. We moeten weer echt de toekomst in gaan kijken.

Deze podcast wordt mede mogelijk gemaakt door AGC.

Toren van Babel – Gesprek met Marjolein van Eig over hoogbouw en welstand15 Feb 202301:02:17

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is architect Marjolein van Eig, oprichter van Bureau Van Eig

Het gesprek met Marjolein gaat over haar benadering van architectuur, haar boek Het Detail, het belang van goede collectieve ruimtes in woongebouwen en over de noodzaak van het hergebruik van gebouwen. 

Maar we praten vooral over het welstandsbeleid rondom hoogbouw in Rotterdam. Wat komt Marjolein als lid van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit tegen in de beoordeling van hoge gebouwen? Wat zijn de specifieke uitdagingen bij het ontwerpen van hoogbouw? En hoe zet ze al haar kennis en ervaring in bij haar eerste hoogbouwproject in Amsterdam Noord? Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Erikjan Vermeulen over kleiner wonen in ruil voor meer gemeenschappelijke voorzieningen22 Dec 202201:03:24

In de Verenigde Staten zijn naar ontwerp van Concrete ondertussen vijf projecten gerealiseerd met woonconcept Urby. Meer projecten zitten in de pijplijn. Kern van het woonconcept is dat bewoners een kleinere woningen krijgen in ruil voor meer gemeenschappelijke voorzieningen zoals een koffiebar, een fitnessruimte en een bibliotheek waar ‘thuis maar niet vanuit huis’ gewerkt kan worden.

De woningen bij Urby zijn voor Amerikaanse begrippen wat kleiner, maar wel heel functioneel, legt architect Erikjan Vermeulen van Concrete in de podcast uit. Zo zijn de woningen al voorzien van inbouwkasten, van vloer tot plafond, zit er al een keuken in, is de verlichting al opgenomen in het plafond, hangen de gordijnen al… je hoeft eigenlijk alleen een bed en een stoel mee te nemen, geeft hij aan, en met de grote ramen zijn het gewoon heel ruimtelijke woningen.

Bij Urby gaat het meestal om ensembles van woongebouwen. Ieder ensemble ligt in een andere stedelijke setting en reageert daar in zijn architectonische uitwerking op. Op Staten Island en in Harrison en Stamford zijn de woongebouwen tot vijf lagen hoog. In Dallas en Jersey City gaan de woongebouwen echt de hoogte in, tot bijna zeventig lagen.

Hoewel de projecten uiterlijk sterk verschillen, zijn de woningen erbinnen grofweg hetzelfde. In ieder project worden die woningen, hun inrichting en afwerking, verder verfijnd. Dat is een iteratief proces, legt Vermeulen uit. Hetzelfde geldt voor de gemeenschappelijke voorzieningen bij de woningen. Ook deze worden steeds op een vergelijkbare manier georganiseerd en ingericht. En ook dat wordt steeds verder verfijnd.

Een voorbeeld van zo’n verfijning. In de eerste projecten van Urby kom je via de koffiebar binnen. Wel zo gezellig. Maar over de projecten ontdekte Concrete dat je op sommige dagen ook naar huis wilt zonder een praatje te hoeven maken met de buren. Daarom is de koffiebar in de nieuwste projecten van Urby náást de entree gelegd. Doordat de deuren altijd open staan, ervaar je nog altijd de dynamiek van de koffiebar, maar kun je er ook gewoon langs lopen.

De verdere gemeenschappelijke voorzieningen organiseert Concrete steeds rond de entree. Alleen als die voorzieningen goed zichtbaar zijn, ruimtelijk goed zijn ingepast, worden ze echt gebruikt, is de ervaring van Vermeulen. Belangrijk vindt hij daarbij ook de verbinding met de tuin. Daarom ontwerpt Concrete als het kan toch altijd een garden room, waarin gelezen kan worden, en die zich met openslaande deuren opent op de tuin.

Qua voorzieningen gaat het natuurlijk om een fitnessruimtes, soms ook om een zwembad, en om een bibliotheek waar ‘thuis maar niet vanuit huis’ gewerkt kan worden, waarbij het belangrijk is dat die in de buurt van de koffiebar ligt. En dan gaat het in de grotere projecten verder met restaurants, yogaruimtes, sportzalen en dergelijke. In de plint van de gebouwen, en zeker op de hoeken, wordt daarbij vaak ruimte gemaakt voor winkels. Urby weert daarbij landelijke ketens en richt zich echt op lokale ondernemers.

In de podcast benadrukt Vermeulen een aantal keer de verbinding met de buurt. Die wordt op verschillende manieren vormgegeven, zowel in programma als in de architectuur. En om die verbinding echt te maken is de koffiebar altijd voor de buurt toegankelijk.

Toren van Babel – Gesprek met Don Murphy over het superviseren van hoogbouw14 Dec 202200:57:53

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is Don Murphy, founder van VMX Architects en supervisor in onder meer Schiphol, Amstel III, en Eindhoven.

Onderwerp van gesprek is het superviseren van hoogbouw. Hoe komen de verdichtingsopgaven in de stedelijke gebieden die Murphy overziet tot stand, en is hoogbouw daarbij doel of middel?

Maar we hebben het ook over zijn komst naar Nederland in de jaren negentig, en over de start van zijn bureau VMX. We praten over het diverse portfolio van het bureau, en zijn uitgebreide ervaring als supervisor. We hebben het over de noodzaak en urgentie van verdichting en natuurinclusief bouwen in Nederland. Tenslotte bespreken we  zijn recente aanstelling als supervisor in Eindhoven en zijn visie op deze stad.

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Casper Schuuring over het behoud van maakpartijen in de verdichtende stad01 Dec 202201:14:41

Hoe kunnen we maakpartijen behouden in de verdichtende stad? Met zijn bureau MONK architecten heeft architect Casper Schuuring een ontwerp hiervoor gemaakt voor een kavel in M4H in Rotterdam. In het voorstel vormen de ruimtes voor de makers een gedifferentieerde onderbouw voor sociale woningbouw.

MONK architecten werkt aan een breed scala van opgaven: van individuele woningen via transformaties tot bedrijfsverzamelgebouwen. Het bureau brak door met het ontwerp voor Creative Valley in Papendorp, Utrecht, met zijn karakteristieke zwarte en uitkragende volumes. In de podcast vertelt Schuuring over de achtergrond van dit opzienbarende project en hoe het bedrijfsverzamelgebouw zich in de afgelopen tien jaar heeft ontwikkeld.

Naast Utrecht Centraal werd onlangs een nieuwe vestiging van Creative Valley opgeleverd, ook ontworpen door MONK architecten. Hier is het bedrijfsverzamelgebouw onderdeel van een groter ecosysteem met winkels en restaurants in de plint, een hotel en zelfs woningen. Het hybride gebouw ligt parallel aan spoor 1 en sluit aan de ene kant aan op het stationsplein, met het ballendak door Ector Hoogstad Architecten, en aan de andere kant op het Smakkelaarsveld, waar momenteel een woongebouw naar ontwerp van Studioninedots verrijst. De verschillende programma’s in het door MONK architecten ontworpen gebouw zijn binnen waar dat mogelijk was met elkaar verbonden. Zo kunnen de gebruikers het het bedrijfsverzamelgebouw gebruikmaken van het zwembad van het hotel. De plint aan de lange zijde van het gebouw vraagt nog wel wat aandacht, merkt Schuuring in de podcast op, die is nu nog te gesloten.

Dan het project waar het in deze podcast om draait. Voor de Merwe-Vierhavens (M4H) in Rotterdam heeft MONK architecten een ontwerp gemaakt voor een gebouw waar onderin ruimte blijft voor maakpartijen en bovenin ruimte komt voor sociale woningbouw. Het ontwerp is gemaakt op verzoek van de makers die nu in het havengebied gevestigd zijn, en er willen blijven, en is uitgewerkt in samenwerking met ECHO Urban Design, ERA Contour en Fullhouse Vastgoed.

Gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam willen in M4H de haven van de toekomst realiseren. Voor grote delen van het gebied wordt daarbij ingezet om menging van wonen en werken: zowel boven elkaar als naast elkaar. Voor een kavel in het noordwesten van het gebied, tegen Schiedam aan, ziet MONK architecten kansen voor stapeling: onderin casco ruimtes voor maakpartijen, erboven sociale woningbouw, en een driedimensionaal netwerk van straten, pleinen en trappen die alles met elkaar verbindt. Een soort kas met een koffiebar / café vormt de centrale ontmoetingsplek.

In de podcast komen alle aspecten langs die bij deze menging komen kijken, van  het beperken van de huurprijs voor de maakpartijen tot het beperken van de geluidsoverlast. Over de plinten heeft Schuuring ook hier een uitgesproken mening. Omdat het woord ‘plint’ een scheiding tussen beneden en boven suggereert, gebruikt hij dat woord liever niet. Ook hier gaat het erom dat er op straatniveau een aantrekkelijk en transparant beeld ontstaat. Maar het gaat er ook om  dat er een afwisselend en attractief stedelijk netwerk ontstaat. Een porositeit in drie dimensies. Een binnenstedelijke kwaliteit zou je ook kunnen zeggen.

Het voorstel voor het woonwerkgebouw in M4H is een unsolicited proposal gericht aan de gemeente Rotterdam die eigenaar is van de betreffende grond. In België, in Brussel, zijn ondertussen meerdere van dit soort woonwerkgebouwen gerealiseerd. In Nederland is dit het eerste, concrete voorstel voor de combinatie van ruimtes voor maakpartijen en woningbouw erboven.

Toren van Babel – Gesprek met Stephan Petermann over de geschiedenis van hoogbouw 17 Nov 202200:51:23

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is Stephan Petermann, oprichter van design consultancy MANN, hoofdredacteur van tijdschrift Volume, auteur van het boek ‘Back to the Office’ en lid van de hochbaubeirat in Düsseldorf.

Met Stephan praat ik over de oorsprong van zijn veelzijdige werk. We hebben het over zijn werk voor OMA  en de start van zijn bureau MANN. We praten over de uitkomsten van het Ministerie van Maak, een ambitieus plan dat hij recent lanceerde samen met ZUS en de IABR. We nemen de eerste bevindingen door, en we spreken over de verdichtingsopgave in Nederland en of hoogbouw daarin past.

Ook bespreken we zijn nieuwe boek, ‘Back to the Office - 50 revolutionary office buildings and how they sustained’, waarin het gebruik van kantoorgebouwen centraal staat. We hebben het over de geschiedenis van hoogbouw, en het ontstaan van het kantoor in hoge gebouwen. En we hebben het over hoogbouw in Duitsland. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

De foto bij de podcast komt uit het besproken boek en toont het kantoorinterieur van gebouw Delftse Poort in Rotterdam in 1991. De foto is gemaakt door fotograaf Sybolt Voeten.​

Gesprek met Peter van Assche over circulair bouwen02 Nov 202200:59:50

Het logisch denken dat Peter van Assche tijdens zijn eerste studie, wiskunde, leerde, is ook de rode draad in zijn werk als architect. “Dat de bouw verantwoordelijk is voor de helft van de afvalproductie wereldwijd, en al dat afval ooit is ontworpen, vind ik onbegrijpelijk.”

Het door hem opgericht Bureau SLA werd bekend met projecten als de van marktplaatsmaterialen gemaakte Noorderparkbar en het met geleende materialen gebouwde People’s Pavilion op de Dutch Design Week in Eindhoven. Daarmee was hij een voorloper van wat we tegenwoordig circulair bouwen noemen. Als lector aan de Amsterdamse Academie van Bouwkunst doet hij onderzoek naar materialen, bouwmethoden en financiële modellen die in dit systeem passen.

In de podcast praten we over de systeemverandering die volgens Peter nodig is om tot een circulaire bouw te komen. Die verandering schuilt in het zoeken naar een nieuwe esthetiek die voortkomt uit het werken met bestaande materialen, maar ook in het nemen van verantwoordelijkheid over het maakproces. 

Peter vertelt zijn verhaal aan de hand van actuele ontwerpen, zoals de gemeentewerf in Amsterdam met een gevel uit hergebruikte stenen en de artist-in-residency in Rotterdam met een gevel uit prefab kalkhennep. Ook reikt hij concrete instrumenten aan die architecten kunnen gebruiken om circulair te ontwerpen en te bouwen.

Toren van Babel – Gesprek met Fieke van den Beuken over sociale woningen in hoogbouw 13 Oct 202200:37:57

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is Fieke van den Beuken, projectontwikkelaar bij woningcorporatie Trudo. 

Fieke vertelt over de achtergrond en werkwijze van woningcorporatie Trudo uit Eindhoven. Ze legt uit dat Trudo niet alleen op de harde kant van ontwikkeling stuurt, maar ook op de sociale kant. We hebben het over het gebied Strijp S waar Fieke werkt, en over de opmerkelijke en prijswinnende torens die Trudo onlangs opleverde in het gebied: Haasje Over door VMX Architects en de Trudo Toren door Stefano Boeri. En we ontdekken hoe ze dat in Eindhoven nu voor elkaar krijgen: sociale woningen in iconische torens. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Toren van Babel – Gesprek met Bianca Seekles over Little C als alternatief voor hoogbouw21 Sep 202200:55:43

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is Bianca Seekles, directievoorzitter van ontwikkelaar ERA Contour. 

In het interview vertelt Bianca de over de geschiedenis van ERA Contour en over het ontstaan van het bedrijf met de ERA-flats. Ze legt uit hoe ze Rotterdam de afgelopen decennia zag veranderen, en vertelt hoe ze aan de basis stond van het vak conceptontwikkeling in de projectontwikkeling. 

Maar we hebben het vooral over haar veelgeprezen project Little C dat ze in de Coolhaven in Rotterdam realiseerde met de architectenbureaus CULD en Inbo. We bespreken het ontstaan van het project en hebben het over de stelling van Bernhard Hulsman in NRC, namelijk dat Little C een alternatief is voor hoogbouw. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek:  Lieven Heeremans, Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Toren van Babel – Gesprek met Francine Houben over hoogbouw en communities05 Jun 202400:53:51

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast deze maand is Francine Houben, founding partner en creative director van Mecanoo.

Francine vertelt over de start van Mecanoo begin jaren tachtig met de winst van de competitie voor het Kruisplein in Rotterdam – een plan waarmee ingezet werd op een diversiteit aan woningtypen. In 1989 volgde een plan voor de eerste woontoren van het bureau: de Hillekop in Rotterdam Zuid, met een waaiervormige plattegrond geïnspireerd door Aalto’s Neue Vahr.

Francine gaat vervolgens in op de eerste plannen voor de Wilhelminapier in Rotterdam en over het ontstaan van woontoren Montevideo. Ze vertelt over de inspiratiereis naar de Verenigde Staten met de opdrachtgevers en welke ideeën de groep mee terug naar Nederland nam.

Ze pleit voor goede sociale woningbouw en hoe die volgens haar ook in hoogbouw een plek kan krijgen. Met haar bureau realiseerde ze onlangs in Kaohsiung, Taiwan, een torencomplex met sociale woningbouw waarin de bewoners een heel aantal ruimtes binnen en buiten met elkaar delen.

Francine vertelt ook over de vernieuwing van De Nederlandsche Bank in Amsterdam en de uitdagingen die daarbij komen kijken. Tenslotte hebben we het over poetry: een onderwerp dat in het nieuwe boek van Mecanoo People Place Purpose Poetry nadrukkelijk aan de orde komt.


Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

De foto's bij de podcast tonen de hoogbouw met sociale woningbouw die Mecanoo in Taiwan heeft ontworpen. De foto's zijn gemaakt door architectuurfotograaf Ethan Lee.

Gesprek met Marlies Zuidam over regeneratief ontwerpen08 Sep 202200:52:24

Wanneer er gebouwd wordt dan zou dat niet alleen veel op moeten leveren voor de menselijke gebruikers… de planten en dieren in de omgeving zouden er ook op vooruit moeten gaan. Dat is wat architect Marlies Zuidam van FAAM Architects zichzelf ten doel stelt. Deze integrale benadering noemt ze regeneratief ontwerpen.

FAAM Architects is betrokken bij de ontwikkeling van allerlei gebieden, door heel Nederland, en het bureau werkt daarbij graag integraal samen met een stedenbouwkundige en landschapsarchitect, maar ook met een ecoloog. Op die manier kan direct vanaf de start van het ontwerpproces gekeken worden naar de aanwezige ecologische waarden en hoe die versterkt kunnen worden. Voor architect Marlies Zuidam begint regeneratief ontwerpen daar. Van daaruit werkt ze verder aan de structuur en materialisering van die gebouwen, hoe die ook zo duurzaam mogelijk kan worden.

Bij het project Bosrijk Oak in Eindhoven kon FAAM Architects met hun ontwerp aanhaken op de ecologische zone die langs het plangebied loopt. Hoe kan woningbouw op deze plek die ecologische zone versterken? Door die zone meer ruimte te geven, deze die ecologische zone door te laten lopen tussen de ensembles van woningen door, terwijl die ensembles zelf wat compacter blijven. 

De ordening van woningen rond een gezamenlijk hof maakt het mogelijk om het parkeren ónder een gezamenlijke dek te organiseren en letterlijk gemeenschappen te vormen. De buitenruimtes van de woningen zijn daarbij compact gehouden. Want kijk je liever uit op je eigen tuin of over echte natuur, vraagt Zuidam retorisch?

De woningen in Bosrijk Oak zijn uitgewerkt in modulaire houtbouw en daar is Zuidam enthousiast over. Na de realisatie van de fundering, die ook wat lichter kan blijven, worden 3D units gestapeld en gekoppeld. En dat is het. Op die manier kan gebouwd worden met weinig impact op de omgeving. En de modulaire opbouw maakt het geheel ook circulair, denkt Zuidam. Verandert de vraag, dan kunnen units altijd weer afgestapeld worden en op een andere plek weer ingezet worden. Andersom zou ook kunnen: dat er later nog extra units aan toegevoegd worden.

In de podcast vertelt Zuidam ook over het woongebouw in massieve houtbouw dat ze met haar bureau op landgoed Eikenburg in Eindhoven heeft ontworpen. Het was een van de eerste gestapelde woongebouwen in kruislaaghout (cross laminated timber – CLT) in Nederland en dat was een behoorlijke ontdekkingstocht.

De duurzaamheidsambitie bij dit project op landgoed Eikenburg hield daar nog niet op. Van het woongebouw dat eerder hier stond, dat sterk verouderd was, is 50.000 kg aan materiaal hergebruikt in het nieuwe gebouw. Het gaat met name op de stalen balken daaruit. En iets vergelijkbaars gaat op voor de trappen en balustrades in het woongebouw – die zijn afkomstig van een elders gesloopt gebouw.

Zuidam vraagt zich af of dat laatste, dat directe hergebruik van materialen, uiteindelijk duurzaam genoeg is en schaalbaar genoeg zal zijn. Bij een kleinschaliger woongebouw als op landgoed Eikenburg, met 28 woningen, werkte het goed. Ook al waren de hergebruikte materialen niet goedkoper dan nieuwe materialen, door de bewerkingen die ze nog moesten ondergaan. Daar kwam bij dat het voor alle betrokken partijen veel werk bleek te zijn en dat bij hergebruikte materialen veel vervoersbewegingen nodig zijn.

Uiteindelijk illustreren de hergebruikte materialen heel goed de ambitie van het project. Die functie heeft het. Maar is dit directe hergebruik van materialen wel echt zo duurzaam en is het schaalbaar richting een groter project?

Gesprek met Hugo Stevens en Diederik de Jonge over ontwerpen bij een bouwer in11 Aug 202201:13:14

Bij Heembouw Architecten werken de architecten in ieder ontwerpproces vanaf het begin nauw samen met het team bij Heembouw dat het project daadwerkelijk bouwt. Dat biedt volgens architecten Hugo Stevens en Diederik de Jonge veel voordelen. Ook ervaren ze veel ruimte om te innoveren. Zo werkt Hugo aan verschillende woningbouwprojecten in hout en werkt Diederik aan natuurinclusieve distributiecentra.

In de kern komt het erop neer dat aan het begin van het ontwerpproces simpelweg veel meer informatie beschikbaar is, leggen Hugo en Diederik in de podcast uit. Met welk bouwsysteem gaat er gewerkt worden? Waar kan geïnnoveerd worden? Wat gaat het kosten? Als architect kun je dan direct met de juiste parameters aan de slag en opdrachtgevers krijgen snel duidelijkheid over wat wel en niet mogelijk is. En omdat het om een integraal ontwerp gaat, wordt er in de loop van het proces in basis ook niet meer getornd aan de met elkaar gemaakte afspraken.

Zowel Hugo als Diederik hebben eerder ook traditionele ontwerpprocessen meegemaakt, waarbij eerst een ontwerp gemaakt werd en pas daarna de bouwer geselecteerd werd. Beide architecten verwonderden zich over de kwaliteit, tijd en geld die in dat proces verloren ging. Want zodra de bouwer aan tafel kwam, moest het ontwerp toch aangepast worden. Het kwam wel voor dat het ontwerp daar beter van werd, maar meestal toch niet. In het slechtste geval moest het ontwerp eigenlijk opnieuw gemaakt worden.

In vergelijking met traditionele ontwerpprocessen gaan integrale ontwerpprocessen veel sneller, kan er effectiever worden gewerkt, en zijn de processen zelf ook plezieriger. Heembouw positioneert zich als ‘ontwerpende bouwer’ en door de combinatie van ontwerp, en bouw wil Heembouw haar klanten ontzorgen en een beter product bieden. Het wil, in haar eigen woorden, de ‘klantwaarde’ verhogen. Van de ongeveer 350 mensen die bij Heembouw werken, werken er zo’n 40 bij Heembouw Architecten. 

Het team van Heembouw Architecten bestaat uit architecten, interieurarchitecten en BIM-modelleurs. Rond dat BIM-model bestaat er vanzelfsprekend een doorgaande lijn van ontwerp tot bouw.

Bij Heembouw wordt gewerkt vanuit drie klantgroepen: woningbouw, kantoren en bedrijfsgebouwen. Zowel het architectenbureau als de bouwer heeft specifieke teams die zich op deze klantgroepen richten. Daarbij ontwerpen de architecten graag wat er gebouwd wordt, maar zeker in de woningbouw wordt ook regelmatig samengewerkt met andere architectenbureaus.

Binnen Heembouw wordt breed ingezet op bouwen in hout en op natuurinclusief bouwen. Architect Hugo Stevens werkt aan verschillende woningbouwprojecten in hout, zoals in Wormerveer en in Kaag. In die eerste plaats, Wormerveer, werkt hij nauw samen met WRK Architecten aan de vervanging van verouderde portiekwoningen door smalle, grondgebonden eengezinswoningen. Aan dergelijke woningen is volgens hem veel behoefte. 

Architect Diederik de Jonge werkt aan verschillende natuurinclusieve distributiecentra, zoals in Aalsmeer en in Almelo. In die laatste stad heeft hij, in samenwerking met landschapsarchitect Joost Emmerik, een kilometer lang natuurscherm ontworpen rond een groot multi-tenant distributiecentrum aan de entree van XL Businesspark Twente. In de podcast gaan de architecten uitgebreid op deze ontwerpen in. Luisteren dus!

Gesprek met Michel Baars over urban mining14 Jul 202201:09:30

Dit jaar oogst New Horizon de materialen van zo’n vijftig grote gebouwen. Bij het ene gebouw gaat dat makkelijker dan bij het andere. En bijna al die materialen krijgen weer een nieuwe bestemming. Soms houden ze daarbij hun vorm, maar meestal worden ze daarvoor bewerkt. Een gesprek met Michel Baars, directeur en oprichter van New Horizon, over urban mining en de lessen die daaruit getrokken kunnen worden voor circulair bouwen.

Eerder gebruikte bouwmaterialen moeten naast nieuwe bouwmaterialen in het schap liggen, legt Michel uit. Want wie aan het bouwen is wil op één plek – just in time – zijn bouwmaterialen ophalen. Zodat het allemaal in dezelfde vrachtwagen naar de bouwplaats vervoerd kan worden. Anders is het eerder gebruikte bouwmateriaal al snel te duur.

New Horizon groeit snel en binnen drie jaar hoopt Michel al tweemaal zoveel materiaal te kunnen oogsten. Om al die materialen een nieuwe bestemming te geven, moet de afzet ook groeien. De groothandels behoren tot de plekken waar eerder gebruikte materialen te vinden moeten zijn. Oude hardhouten kozijnen worden, in delen, op die manier weer verkocht. Dat blijken ideale passtukken bij renovaties te zijn.

Vorig jaar is New Horizon onderdeel geworden van de Janssen de Jong Groep, een middelgrote bouwer met een uitgesproken circulaire ambitie. Groot genoeg om ertoe te doen, klein genoeg om het ook echt te doen, noemt Michel het. Door hier onderdeel van te zijn heeft New Horizon een soort van gegarandeerde afzet voor een belangrijk deel van de geoogste bouwmaterialen.

Bij circulair bouwen kan onderscheid worden gemaakt tussen kleinere en grotere cirkels. Wanneer een materiaal of product in (bijna) dezelfde vorm opnieuw toegepast kan worden, doorloopt het een kleine cirkel. Wanneer een materiaal of product eerst verpulverd, vergruisd of omgesmolten moet worden voor het een nieuwe toepassing krijgt, doorloopt het een lange cirkel.

New Horizon zit met name op de grote cirkels, legt Michel in de podcast uit. Dat heeft alles te maken met wat hij het ‘dilemma van tijd en plaats’ noemt. Al die bouwmaterialen kunnen niet op allerlei plekken opgeslagen worden en dan van daaruit weer naar de bouwplaatsen vervoerd worden op het moment dat ze nodig is. Dat is veel te kostbaar. Circulair bouwen werkt pas als de cirkels continue bouwstromen vormen. Rond de meeste geoogste materialen vindt ‘herproductie’ plaats, zoals hij het noemt.

Keramische materialen, zoals bakstenen, worden door New Horizon verpulverd en gezuiverd, en worden vervolgens als grondstof aan Wienerberger geleverd. Oud gips gaat naar Knauf, oude bitumen naar Icopal en hout gaat naar Stiho. Voor alle materialen die geoogst worden, probeert New Horizon de cirkel te sluiten. 

Voor beton maakt New Horizon gebruik van een procedé waarmee de grondstoffen daaruit bevrijd worden. Zand, grind en cement blijven als grondstoffen weer over. Zo kan daar opnieuw beton van gemaakt worden. Maar de grondstoffen kunnen ook op een andere manier gebruikt worden. Na de locatie in Amsterdam waarin oud beton verwerkt wordt, opent binnenkort een tweede locatie in Rotterdam. Binnen een paar jaar moeten er vijf locaties door heel Nederland zijn.

Toren van Babel – Gesprek met Michiel Raaphorst over het maken van hoogbouw in een ‘perfect storm’01 Jul 202200:58:16

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is architect Michiel Raaphorst, partner bij V8 Architects.  

In het interview vertelt Michiel over het ontstaan van V8 Architects en over het DNA van het bureau. Hij vertelt over de ervaring van V8 Architects met de transformatie van bestaande gebouwen en hoe het bureau de KPN Toren van Renzo Piano op de Wilhelminapier in Rotterdam heeft vernieuwd. 

Michiel gaat ook in op het ontstaan van het ontwerp van de 154 meter hoge Cooltoren in het Baankwartier in Rotterdam en de rol die de unieke draagstructuur speelt in het ontwerp. Hij vertelt over het realiseren van hoogbouw in een ‘perfect storm’ van de ideale omstandigheden, waarin poëzie en pragmatisme elkaar raken.

En we hebben het over het Nederlandse Paviljoen in Dubai dat V8 Architects recent ontwierp en dat energie en water kan oogsten midden in de woestijn. Zijn ervaring in Dubai hebben hem een ander perspectief gegeven op de regio en inzicht in de kansen voor de vernieuwing van hoogbouw. Tenslotte doet Michiel een belangrijke oproep aan de ontwerppraktijk. Luisteren dus! 

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Jan Maas over natuurinclusief ontwerpen en bouwen08 Jun 202200:58:06

Landschapsarchitect Jan Maas van BOOM! Landscape vertelt over natuurinclusief ontwerpen en bouwen, en wat er nodig is om dit thema – als onderdeel van de verduurzaming van steden en het platteland – verder te brengen. Zijn visie: natuurinclusief bouwen begint met de intrinsieke motivatie om plekken te maken waar mensen, dieren én planten naast en met elkaar kunnen leven. Dat levert niet alleen wijken en landschappen op die beter bestand zijn tegen klimaatverandering, maar ook een ruimtelijke rijkdom, en een stad die letterlijk gonst en tjilpt van het leven.

We praten over hoe BOOM samen met stedenbouwkundigen, architecten en ecologen werkt aan natuurinclusieve woonwijken in Diemen, Utrecht en Brussel, hun initiatief om de Groene Scheggen van Amsterdam op de kaart te zetten, en de mogelijkheden die biobased landbouw biedt om de biodiversiteit te versterken.

Jan legt uit dat natuurinclusief bouwen begint bij de bodem; of je op zand, klei of veen bouwt, is bepalend voor wat er kan groeien en leven. Ook hebben we het over de noodzaak om gebouwen niet tot de laatste kier af te dichten, waardoor nestgelegenheden voor vogels en insecten verdwijnen. De natuur is gebaat bij een gezonde dosis rommeligheid en ruige plekken.

Gesprek met Liesbeth van der Pol over vrijheid in het ontwerpen26 May 202201:06:48

“Het gebouw dat je ontwerpt, dat staat daar, en dat moet zich goed verhouden tot de mens. Daarom moet het zo karaktervol zijn”, vertelt architect Liesbeth van der Pol van Dok Architecten in de podcast. “Het hoeft daarbij niet altijd sterk of stoer te zijn, het mag ook gevoelig of kwetsbaar zijn, maar het moet wel een karakter hebben. En als architect moet jij dat erin leggen.”

Op haar bureau en bij haar thuis heeft Liesbeth verschillende tekenblokken liggen waarop ze aquarellen maakt van de projecten waaraan ze werkt. Die aquarellen starten met potlood, dan komt de inkt, dan wordt het potlood uitgegumd, en vervolgens zijn er verschillende lagen van aquarelverf. Zowel de inkt als de verf moet drogen, dus er gaan heel wat dagen overheen voordat iedere aquarel klaar is. En zowel die tijd als het handwerk helpt haar in het denken over de ontwerpen, daarop te reflecteren, en uiteindelijk tot het juiste karakter te komen.

Op projecten zit zo’n enorme druk, omdat het om zoveel geld gaat, dat het niet eenvoudig is om als architect afstand te nemen tot de ontwerpen, legt Liesbeth in de podcast uit. Het maken van aquarellen ondersteunt haar daarbij. En soms maakt ze een aquarel om erachter te komen welk karakter het gebouw niet moet krijgen, vertelt ze. Het blijft natuurlijk een creatief proces.

In haar aquarellen schetst ze het project meestal vanuit verschillende perspectieven: driedimensionaal, met de plattegrond en en profil. Maar afhankelijk van het project wisselt dit. Ook lopen de figuren soms door elkaar, wat ze eigenlijk alleen maar interessant vind. In de Kunstlinie in Almere wordt komend najaar een selectie van haar aquarellen tentoongesteld.

Het maken van aquarellen is een exponent van hoe Van der Pol het architectenvak benaderd. Ze vind het belangrijk om vanuit haarzelf te ontwerpen, datgene te ontwerpen waarvan zij met haar team denkt dat het beste is voor de opgave, en zich niet te laten remmen door wat anderen in het vakgebied daarvan denken. Zo heeft ze in Den Bosch een buurt ontworpen met witte villa’s die in hun witte houten timpanen en kolommen knipogen naar het (neo)classicisme. En zo heeft ze in Zwolle een zwierige bakstenen parkeergarage ontworpen die ze, geïnspireerd op de caravanserai in centraal Azië, ook voor zich ziet als plek van ontmoeting en daarom van een decoratieve laag is voorzien. Net zo vond ze het een enorme uitdaging om een villa te ontwerpen die de symmetrieassen van Palladio combineert met het rauwe van industriële gebouwen. De opdrachtgever wenste dat zo en dat daagde Liesbeth uit om juist in dat imperfecte de schoonheid te vinden. Een perfecte mens is niets aan, geeft ze aan; het zijn de imperfecties die het interessant maken.

In de ontwerpen van Liesbeth geeft het karakter van het gebouw uitdrukking aan de plek, het programma en de ambitie van de initiatiefnemers. Je kunt dat karakter wat dat betreft zien als een soort verlengde functionaliteit. Dat wordt goed geïllustreerd door haar ontwerp voor Huis van de Wijk in Deventer. Daar werd ze gevraagd om een generiek kantoor uit de jaren ‘80 te transformeren tot een wijkcentrum. Door de gevel te voorzien van nieuwe isolatie en stucwerk, en daar horizontale houten latten overheen te leggen, verdween het oude gebouw uit het zicht. In hetzelfde stucwerk ontwierp ze vervolgens bovenop het gebouw een opbollende luifel die ‘s avonds van onderen aangelicht wordt. Zo is het gebouw letterlijk en figuurlijk het stralende middelpunt van de wijk geworden.

Deze podcast is mede mogelijk gemaakt door AGC.

Toren van Babel – Gesprek met Mathew Vola over de engineering van hoogbouw12 May 202200:51:10

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? 

De gast van deze maand is constructeur Mathew Vola, Property Business Unit Leader bij Arup in Amsterdam. Mathew vertelt onder andere over zijn verkiezing tot constructeur van het jaar, en hoe iconen, digitalisering en verduurzaming zijn carrière hebben bepaald. We praten over zijn ervaring met iconische hoogbouwprojecten in Zuidoost Azië, en zijn nieuwe benadering van het vak bij zijn terugkomst in Nederland. 

Mathew’s visie is dat de ‘battle for land’ waar we in zitten leidt tot verdichting, en dus tot hoogbouw. Aan de hand van de projecten Elements en het net opgeleverde HAUT licht hij vervolgens toe hoe je die hoogbouw werkelijk duurzaam kan maken. We praten over de parametrische ontwerpmethode die Arup en Patrick Koschuch hebben toegepast op het project Elements in Amsterdam. En we hebben het over de materiaaltransitie, en wat voor impact die gaat hebben op hoogbouw. Luisteren dus!


Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans en Geert Vlieger
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Menno Kooistra over innovatie bij transformatie van gebouwen27 Apr 202201:03:09

Iedere transformatie is een nieuwe puzzel die opgelost moet worden. Omdat de beste oplossingen regelmatig buiten de gebaande paden liggen, bieden transformaties veel ruimte voor innovatie, ziet architect Menno Kooistra van Elephant. Bij de transformatie van een voormalig bankgebouw tot woongebouw keerde hij de ontsluiting als het ware binnenstebuiten. Woongebouw De Voortuinen heeft nu, in plaats van een enkele centrale liftkern, nu vier kleine liftkernen aan de gevel. Die oplossing bleek veel een veel efficiënter.

Deze podcast is mede mogelijk gemaakt door AGC.

Drie transformatieprojecten van Elephant komen langs in de podcast. Allereest de transformatie van de drie silo’s op Zeeburgereiland in Amsterdam tot gebouw met een gemengd programma. Vervolgens de transformatie van het voormalige hoofdkantoor van de Postbank in Amsterdam tot woongebouw De Voortuinen. En tenslotte de transformatie van het voormalige kantoorgebouw van ingenieursbureau Fluor in Haarlem tot woongebouw met lofts.

Elk van deze opgaven vroeg om zijn eigen innovaties om tot de beste transformatie te komen, legt architect Menno Kooistra van Elephant uit. Bij de transformatie van de silo’s op Zeeburgereiland is een heel abstracte gevel ontwikkeld om de nieuw opbouwen te laten ‘rijmen’ met de silo’s van de voormalige rioolzuivering eronder. In die opbouwen komen kantoorruimtes. Ter hoogte van het dak van de oude silo’s worden de abstracte opbouwen ‘ingesnoerd’ om daar een serie van publieke ruimtes te maken. De bruggen die deze publieke ruimtes straks met elkaar verbinden, bestaan nu al als verbinding tussen de daken van de oude silo’s.

Bij de transformatie van het voormalige hoofdkantoor van de Postbank, in het westen van Amsterdam, merkte Kooistra dat de oude liftkern veel te ruim bemeten was voor zijn nieuwe functie als woongebouw. Wat als de stijgpunten niet in het midden van de woontoren zouden zitten, maar verspreid langs de gevel? Dit bleek de plattegrond veel en veel efficiënter te maken. In plaats van twee liften waren weliswaar vier liften nodig, maar dat stond niet in verhouding tot de vele extra vierkante meters die zo beschikbaar kwamen. De liften aan de gevels zorgen daarbij voor nieuwe flexibiliteit, benadrukt Kooistra herhaaldelijk in de podcast. Vanuit de lifthal kun je zo je woning in, maar dat kan ook via het zeer diepe rondlopende balkon. Daar kunnen eenvoudig extra voordeuren gemaakt worden. Voor een praktijk aan huis, voor een ouder waarvoor gezorgd wordt, voor een kamer die verhuurd wordt… het gebouw biedt wat oneindig veel mogelijkheden…

De transformatie van het voormalige kantoorgebouw van ingenieursbureau Fluor in Haarlem vormde vervolgens weer een heel andere opgave. Het gebouw had een prachtig betonnen casco met paddestoelkolommen en een vrije verdiepingshoogte van 3,6 meter. Maar het gebouw was ook maar liefst 35 meter diep. Vandaar dat de ontwikkelaar van het gebouw het binnenhof eigenlijk al ingetekend had. Maar juist op deze plek, in het Haarlemse stadsdeel Schalkwijk, zag Kooistra kansen voor casco lofts met weliswaar een eenzijdige oriëntatie maar daardoor ook een surplus aan betaalbare ruimte. De kwaliteit van de enkele gevel heeft Kooistra vervolgens gemaximaliseerd. Deze is volledig van glas en knikt naar buiten om serres te vormen – zodat bewoners toch uitzicht hebben in de breedte. Ook is de gevel, die Kooistra met zijn team ontwikkelde, volledig te openen, zodat iedere loft omgetoverd kan worden tot een grote loggia.

De stevige draagconstructie en diepte van het gebouw maakt het vervolgens mogelijk om op het dak een bijzonder groene daktuin aan te leggen. In plaats van individuele  buitenruimtes hebben de bewoners van het gebouw zo straks een grote gezamenlijke daktuin.

Toren van Babel – Gesprek met Anjelica Cicilia over beleggen in hoogbouw13 Apr 202200:51:39

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw?  De gast deze maand is Anjelica Cicilia, director acquisitie & ontwikkeling bij Syntrus Achmea.

In het gesprek vertelt Anjelica onder andere over de kansen van hoogbouw bij verstedelijking, over duurzame verdichting en over wat zij als belegger belangrijk vindt in hoogbouwprojecten.

Anjelica vertelt over haar achtergrond als stedenbouwkundig ontwerper en wat haar achtergrond als ontwerper  haar brengt in haar huidige werk.

En we hebben het over de betaalbaarheid van hoogbouw aan de hand van het project Justus in de Amsterdamse Sluisbuurt. Deze toren met middenhuur woningen is ontworpen door de Architekten Cie. en realiseert Syntrus Achmea samen met JP van Eesteren. Want is het eigenlijk wel mogelijk om met een middenhuur in hoogbouw te wonen? Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Het beeld bij de podcast toont woontoren Justus in de Sluisbuurt in Amsterdam. De toren is ontworpen door de Architekten Cie., de impressie is gemaakt door Absent Matter.

Gesprek met Wilco Scheffer en Gert Jan Samsom over duurzaam ontwerpen en bouwen31 Mar 202200:57:52

Natuurinclusief, klimaatadaptief, circulair en energiepositief… de ambitie rond het nieuwe gebouw voor de Aeres Hogeschool in Almere was meervoudig en dat heeft een intelligent en veelzijdig ontwerp opgeleverd. In de eerste aflevering in een nieuwe serie rond duurzaam ontwerpen en bouwen, in samenwerking met de BNA, een gesprek met architecten Wilco Scheffer en Gert Jan Samsom van BDG Architecten over hun aanpak bij dit project.

In de oostgevel en een deel van de zuidgevel hebben maar liefst 11.000 planten een plek gekregen. In de westgevel en zwevend boven het dakterras zijn in glazen lamellen in totaal 700 PV-panelen opgenomen. De hoge duurzame ambities hier zijn voor iedereen direct zichtbaar.

Het gebouw staat in Almere op de oever van het Weerwater, op het terrein waar komend halfjaar de Floriade plaatsvindt. De gridstructuur van deze tuinbouwtentoonstelling bood de hogeschool een relatief kleine kavel. Om het 4.000 vierkante meter grote programma hier een plek te kunnen geven, moest de hogeschool daarom wel de hoogte in. Het relatief kleine dak betekende vervolgens weer dat bijna de helft van de gewenste zonnepanelen in de gevel terecht kwam. De hoogte bood daarbij ook de kans om hier echt een grote groengevel te realiseren..

Het thema van de Floriade is ‘Growing Green Cities’. Dit gebouw laat goed zien wat op dat vlak mogelijk is, vindt Architect Wilco Scheffer: in onze grote steden zouden dergelijke gebouwen zeer op hun plek zijn. Hier matcht de natuurinclusieve architectuur ook met de opleiding die in het gebouw gevestigd is: ‘Food, Nature & Urban Green’.

In de podcast gaat architect Gert Jan Samsom in op de engineering van de groengevel en hoe deze is opgebouwd. Uiteindelijk bestaat hij uit allerlei inheemse planten, die in de achterconstructie automatisch van water worden voorzien. Daarbij zijn in de gevel nestkastjes voor vogels, insecten en vlinders opgenomen.

Binnen loopt het groen door in een route die vanaf het maaiveld omhoog slingert naar het dak. De ‘groene long’, noemt architect Gert Jan Samsom dit graag. Al dat groen heeft een positief effect op het welzijn van mens en dier, benadrukken de architecten, en de studenten op deze opleiding onderzoeken dat ook.

In de verdere materialisering van het gebouw was circulariteit het centrale thema. De gevels, waar geen groen in is opgenomen, hebben een bekleding gekregen van biocomposiet.De houten vloeren in de ‘groene long’ zijn gemaakt van sloophout. In de toegepaste kanaalplaatvloeren, die losmaakbaar gemonteerd zijn op een modulaire staalconstructie, is zoveel mogelijk betongranulaat opgenomen.

De aanbestedingsregels zitten circulair ontwerpen en bouwen soms wel in de weg, ondervonden de architecten. Het is daardoor niet mogelijk om al voor het feitelijke moment van aanbesteden al materialen en producten uit gesloopte gebouwen te reserveren. Hergebruikte kozijnen of hergebruikt glas kun je dan niet toepassen, legt Scheffer uit. Want wat je in de gevel toepast hangt bijvoorbeeld samen met de installaties die je toepast. Al tijdens de ontwerpfase moet duidelijk zijn hoe de gevel precies opgebouwd wordt – als dat pas in de bouwfase duidelijk wordt is dat te laat.

In de podcast zoomen Scheffer en Samsom tenslotte nog uit. Het liefst ontwerpen ze gebouwen met bijna geen installaties. De vele passieve elementen in het ontwerp van de Aeres Hogeschool illustreren die ambitie. Tegelijkertijd hopen de architecten in de toekomst meer hout toe te kunnen passen in gebouwen. Maar duurzaamheid begint toch altijd bij het ontwerp van een goed, robuust en flexibel casco. Dat is altijd de basis geweest van hun ontwerpen, benadrukken de architecten, en zal dat ook blijven.

Deze podcast wordt mede mogelijk gemaakt door de BNA.

Gesprek met Harro de Jong over het delen van echte landschappen20 May 202401:19:49

Een duinlandschap bovenop een dak in Amsterdam, een buitenplaats aan de rand van de Veluwe, een herontwikkeld landgoed in Arnhem en twee nieuwe eilanden in de uiterwaarden van de Rijn… landschapsarchitect Harro de Jong werkt met zijn Buro Harro aan een grote diversiteit aan opgaven. Het gaat wel steeds om het delen van het landschap door een groep bewoners of gebruikers en om het ontwerp van een écht landschap: een stuk boslandschap, een stuk duinlandschap, een stuk heidelandschap, enzovoorts. 

Als Harro dan ziet dat mensen in een van de door hem en zijn team ontworpen landschappen gaan zitten en zich ontspannen, of teruggeven dat het voelt alsof ze permanent op vakantie zijn… daar doet hij het voor!

Zijn ultieme doel omschrijft hij als een echt landschap met wat lekkers erin. Dat lekkers kan dan de vorm hebben van kunst of architectuur. In het tijdelijke Bartokpark tegenover cultuurverzamelgebouw Rozet in Arnhem werd een stuk heidelandschap uit de Veluwe gecombineerd met een enorm beeld van een liggend aardvarken. Zoiets dus. Op Buitenplaats Koningsweg, aan de rand van de Veluwe, zijn tien architectonische buitenhuisjes gerealiseerd die zich verstoppen in het bos: verdiept in de grond, vermomd als iets anders, of opgetild tussen de boomkruinen. Zoiets dus ook.

Samen met kunstenaar Hans Jungerius stond Harro aan de basis van de ontwikkeling van Buitenplaats Koningsweg. Het oude kazerneterrein net ten noorden van Arnhem is in de afgelopen vijftien jaar omgevormd tot een culturele enclave / landschappelijke woonbuurt / architectonisch vakantiepark. Alle hekken rond de buitenplaats zijn weg, er is een openbaar landschap ontstaan – precies wat de initiatiefnemers voor ogen hadden.

In de TV-serie Van Bunker tot Buitenhuis worden de verschillende lagen van de buitenplaats besproken: de geschiedenis als Nazi-vliegveld, de verschillende kunstzinnige gebruikers nu, het ontwerp en de bouw van de buitenhuisjes, het landschap van de Veluwe, enzovoorts. Een aanrader. Buitenplaats Koningsweg is ontwikkeld door Kondor Wessels Projecten. Voor het masterplan ervan heeft Buro Harro samengewerkt met MVRDV, dat ook 21 woningen bij de entree van de buitenplaats heeft ontworpen.

De meeste mensen willen helemaal geen eigen tuin, stelt Harro in de podcast: ze willen ruimte en uitzicht. In plaats van eigen tuinen te realiseren, is het wat hem betreft veel interessanter om een stuk landschap met elkaar te delen. Dan kun je het beheer ervan uitbesteden. Bovendien kun je met elkaar ook al snel wat extra’s doen. Het stukje duinlandschap dat hij bovenop een woongebouw aan de Groenmarkt in Amsterdam ontwierp, is voorzien van een gezamenlijk zwembad. Voor het herontwikkelde Landgoed Klingelbeek geldt hetzelfde, dat heeft een natuurzwembad op de oever van de Rijn. Als je de kosten daarvan met vijftig huishoudens deelt, zoals bij Landgoed Klingelbeek het geval is, is zoiets al snel haalbaar.

Als je dan aan een echt landschap woont of werkt, dan wil je dat landschap ook tot de gevel laten komen. Dat vraagt om een architectuur die helder omkadert is. Bij de gebouwen op Landgoed Klingelbeek vallen de buitenruimtes en balkons binnen de architectonische volumes. Dat werkt daar heel goed. Op Buitenplaats Koningsweg is bij de buitenhuisjes voor eenzelfde harde omkadering gekozen, maar is bij de permanente woningen ingezet op helder begrensde terrassen. Dat werkt in die context ook goed.

Aan het eind van de podcast gaat het gesprek ook nog over Meinerswijk in Arnhem. In de uiterwaarden van de Rijn worden daar nu twee eilanden gerealiseerd waar 400 woningen op worden gebouwd. Ook aan deze ontwikkeling stond Harro weer aan de basis. In samenwerking met opnieuw Kondor Wessels worden hier op de eilanden verschillende buurten gerealiseerd.

Toren van Babel – Gesprek met Diederik Dam over innovatie in hoogbouw 23 Mar 202200:53:53

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De gast van deze maand is architect Diederik Dam van Dam & Partners

In het gesprek vertelt Diederik onder meer over de ruime ervaring van zijn bureau met hoogbouw en gaat hij uitgebreid in op het hoogste gebouw van Nederland: de Zalmhaventoren. Hij vertelt over de geschiedenis van het plan, over de bouwmethode en over de veranderende ambities van de stad. 

We spreken ook over de nieuwe houten toren die Dam & Partners heeft ontworpen op de Zuidas in Amsterdam en hoe innovatie onderdeel is van de hedendaagse ontwerppraktijk. 

Diederik vertelt ook over zijn positie als de derde generatie architect in zijn familie en hoe hij het bureau van zijn vader heeft overgenomen. Tenslotte reflecteren we op de veranderende rol en positie van de architect. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Gesprek met Floris Cornelisse over hoe tradities en tijdelijkheid samengaan bij ontwerp voor Eerste Kamer15 Mar 202201:08:52

Een gesprek van een uur over maar één project: de tijdelijke huisvesting van de Eerste Kamer. Een gesprek tussen Michiel van Raaij, hoofdredacteur van Architectenweb, en Floris Cornelisse, architect en partner van Happel Cornelisse Verhoeven Architecten, over de tradities van dit parlementaire instituut, over het ontwerpproces en over de betekenis van tijdelijkheid.

Gedurende de verbouwing van het Binnenhof is de Eerste Kamer tijdelijk gehuisvest in Huis Huguetan en de bouwdelen daarachter uit de jaren tachtig. In haar ontwerp smeedt Happel Cornelisse Verhoeven Architecten die delen opnieuw aan elkaar door het motief van de stijlkamers uit het voormalige stadspaleis te vertalen naar eigentijds stijlkamers in de andere bouwdelen, waarbij de plenaire zaal voor de Eerste Kamer opgevat kan worden als de grootste stijlkamer.

De plenaire zaal in deze tijdelijke huisvesting heeft op verzoek van de senatoren dezelfde lagerhuisopstelling gekregen als de plenaire zaal in het Binnenhof. Deze zaal is echter wel 70% kleiner, wat Happel Cornelisse Verhoeven Architecten onder andere opgelost heeft door de tafels en bankjes voor de senatoren net wat compacter te maken.

In de podcast gaat architect Floris Cornelisse in op allerlei aspecten van het ontwerp en het proces dat daarheen leidde. De tijdelijkheid van het ontwerp speelt daarbij overal een rol en bepaalt voor een belangrijk deel ook de uitstraling ervan. Ook gaat de architect uitgebreid in op de toegepaste kunst in de plenaire zaal en op de gevel van het bouwdeel uit de jaren tachtig. Tenslotte kijkt Cornelisse ook vooruit naar het ontwerp voor het Stadhuis van Groningen, waarin een aantal motieven uit dit ontwerp terugkomen.

Toren van Babel – Gesprek met Wouter Veldhuis over hoogbouw als onderdeel van de ruimtelijke opgave 16 Feb 202200:54:52

Toren van Babel is een maandelijkse serie binnen de Architectenweb Podcast. Hierin praat architect Daan Roggeveen (MORE Architecture) met ontwerpers, ontwikkelaars en andere experts die allemaal hun eigen perspectief hebben op hoogbouw. Doel is het antwoord vinden op de vraag: hoe maak je nu een echt goed hoog gebouw? De twaalfde gast in deze serie is stedenbouwkundige Wouter Veldhuis, partner bij MUST Stedenbouw en Rijksadviseur voor de Fysieke Leefomgeving. 

In het gesprek vertelt Wouter over de rol van het College van Rijksadviseurs en haar agenda ‘De 22e eeuw begint nu’. We bespreken hoe hoogbouw bij kan dragen aan de stad en aan de ruimtelijke ordening in Nederland. 

Ook praten we over Amsterdam Nieuw-West, de bakermat van moderne stedenbouw in Nederland. We hebben het over de zowel persoonlijke als professionele geschiedenis die Wouter daar heeft, over galerijflats als hoogbouwtype, en over de sociologische benadering van stedenbouw. Ook hebben we het over de verdichting van de bestaande stad en het vitaler maken van wijken en leefomgevingen. Luisteren dus!

Toren van Babel wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Hoogbouw.

Idee & Presentatie: Daan Roggeveen (MORE Architecture)
Productie & Techniek: Lieven Heeremans
Muziek: Job Roggeveen
Reacties: hoogbouw@more-architecture.com

Het beeld bij de podcast toont de 'hoogbouw' aan de Burgemeester Hogguerstraat op de noordoever van de Sloterplas in Amsterdam Nieuw-West. Het beeld is afkomstig van Stadsarchief Amsterdam.

Gesprek met Annemariken Hilberink en Geert Bosch over gewortelde architectuur03 Feb 202201:19:50

De partners van Hilberink Bosch Architecten wonen en werken vanuit een monumentale boerderij net buiten Den Bosch. Waar het woondeel van de boerderij nog zijn oude vorm heeft, daar is het werkdeel van de boerderij getransformeerd tot een grote open kantoorruimte. Onder de oude balken van de boerderij werken ze met een team van vijftien architecten aan woningbouwopgaven door het hele land.

Bij de bouw van boerderijen was het ooit de gewoonte om het hout, dat in de toekomst wel eens nodig zou kunnen zijn, in de vorm van bomen alvast aan te planten. Daaraan moesten architecten Annemariken Hilberink en Geert Bosch denken toen er zeven eiken op hun erf gerooid moesten worden en ze op precies dat moment rondliepen met het idee om een nieuwe schuur te realiseren. Wat als ze die eiken daarvoor zouden gebruiken? En wat als ze niet alleen het hardste en binnenste deel van de boomstammen zouden gebruiken, maar ook alles daaromheen?

In de podcast vertellen de architecten waar ze tegenaan liepen in de realisatie van dit ogenschijnlijk eenvoudige idee. Voor de schuur bleken nog iets meer boomstammen nodig dan de genoemde zeven. Op het landgoed, waar de boerderij onderdeel van uitmaakt, was gelukkig meer hout beschikbaar. Al dat hout is vervolgens ter plekke verzaagd en verwerkt. Daarbij schuwden de architecten het experiment niet. Zo is het hout nat verwerkt, daarbij rekening houdend met latere krimp, en zijn dus werkelijk alle delen van het hout gebruikt, ook die delen die vervuild waren met ijzer. Al dat hout heeft een prachtige constructie opgeleverd, met een houten gevel en een dak uit houten leien. De betonnen vloer hebben de architecten hier en daar wat omhoog getrokken om borstweringen en een keukenblad te maken. Maar in dat beton is de afdruk van de houten bekisting dan wel weer zichtbaar. Ook is op de kopgevels schors in de bekisting opgenomen – wat onbedoeld deels in het beton is achtergebleven.

Zelf omschrijven Hilberink en Bosch hun werk als een combinatie van ‘herkenning’ en ‘vervreemding’. De architectonische vormen en typologieën zijn herkenbaar, maar het element van vernieuwing dat eraan toegevoegd wordt, zorgt ook altijd voor enige vervreemding, of met een ander woord voor verwondering. Dat begrippenpaar is zeker van toepassing op de door hen ontworpen schuur en kan daarnaast ook toegepast worden op de vele woningbouw die de architecten ontwerpen.

Op Strijp R herinnert niet zoveel meer aan de geschiedenis van de plek. Een oude leidingstraat, een oud fabrieksgebouw en een oud pompgebouw staan er nog. Maar het is vooral een gewone woonwijk aan het worden. En Annemariken Hilberink en Geert Bosch vonden dat jammer, misten vooral ook de oude schaal, en stelden voor om, op de plek waar voorheen de beeldbuizenfabriek stond, die fabriek in woningbouw als het ware terug te bouwen. Die fabriek had iedere vijftien meter een sheddak, en dat elf keer. Dat hebben de architecten nu teruggebouwd, waarbij het stramien gehalveerd is, zodat woningen van 7,5 bij 7,5 meter ontstonden. Daarbij is het ene huis wat kleiner en is het andere huis juist wat groter, met een enorm dakraam op het noorden – een interessante atelierruimte of thuiswerkplek.

In de volksbuurt Orthen Links heeft Hilberink Bosch Architecten 175 sociale huurwoningen ontworpen en deze moesten worden gerealiseerd door een conceptbouwer. In de podcast leggen de architecten uit dat dat helemaal niet hoeft te betekenen dat in de architectuur maar weinig mogelijk is. Door de woning af en toe een kwartslag te draaien, zijn in de buurt bijvoorbeeld ook brede en ondiepe woningen gerealiseerd. Dat heeft als voordeel dat zo ook af en toe de woonkamer aan de straat ligt. Waar die bij de standaard, diepe woningen altijd aan de tuinzijde ligt. Dat is goed voor de sociale veiligheid. En verder zijn de woningen ook allemaal voorzien van een betonnen bankje, met een opening voor een plant, en zijn de woningen voorzien van betonnen luifels en ornamenten.

© My Podcast Data